Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, gevestigd te Amsterdam ,
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift van de GI met bijlagen, ontvangen op 24 december 2025.
- de brief van [minderjarige] , ontvangen op 14 januari 2026;
- de e-mailberichten van moeder.
- de moeder;
- de vader;
- [persoon 1] en [persoon 2] , namens de GI.
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
5.3. Gelet op de zorgen die nog wel resteren vindt de kinderrechter het wel belangrijk dat [minderjarige] de juiste hulpverlening krijgt maar dat dat in het kader van de ondertoezichtstelling nog van de grond gaat komen, daarover heeft de kinderrechter teveel twijfels. Moeder heeft eerder en ook ter zitting met klem benadrukt dat zij bereid is op vrijwillige basis hulpverlening te accepteren. Moeder zal de komende periode moeten laten zien dat zij zelfstandig in staat is om de juiste hulpverlening voor [minderjarige] te vinden. De kinderrechter adviseert moeder hierover de GI te informeren, maar de verantwoordelijkheid over het verschaffen van informatie ligt volledig bij moeder. Lukt het moeder onvoldoende om de zorgen over [minderjarige] weg te halen of lijkt de situatie van [minderjarige] te verslechteren, dan is het aan de Raad om een nieuw verzoek tot ondertoezichtstelling in te dienen.
6.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.