ECLI:NL:RBAMS:2026:1930

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
24 februari 2026
Publicatiedatum
23 februari 2026
Zaaknummer
23/6452
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wmo 2015
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing aanvraag gesloten buitenwagen op grond van de Wmo 2015 bevestigd

Eiseres heeft een aanvraag gedaan voor een gesloten buitenwagen op grond van de Wmo 2015, omdat zij vanwege haar medische problematiek niet adequaat kan reizen met een scootmobiel of het Aanvullend Openbaar Vervoer (AOV). Verweerder heeft de aanvraag afgewezen op basis van een negatief advies van Argonaut, dat concludeerde dat het AOV in combinatie met een scootmobiel voldoende zou zijn.

Eiseres ging in bezwaar en overwoog dat haar chronische fibromyalgie en astma een gesloten buitenwagen noodzakelijk maken. Zij overhandigde een verklaring van een verpleegkundig specialist die haar klachten onderschrijft, maar deze werd tegengesproken door een brief van haar longarts waarin werd gesteld dat er geen medische contra-indicatie bestaat om in de buitenlucht te verblijven of zich te verplaatsen.

De rechtbank heeft het medisch advies van Argonaut, dat na aanvullend onderzoek en overleg met de longarts tot stand kwam, als voldoende zorgvuldig, inzichtelijk en begrijpelijk gemotiveerd beoordeeld. De verklaring van de verpleegkundige werd als onvoldoende onderbouwd beschouwd. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en bevestigt daarmee het besluit van verweerder om de aanvraag af te wijzen.

Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag voor een gesloten buitenwagen wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 23/6452

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 februari 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. M. Heikens),
en
het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Amsterdam,verweerder
(gemachtigde: [gemachtigde verweerder] ).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een gesloten buitenwagen op grond van de Wmo 2015. [1]
1.1.
De rechtbank heeft het beroep op 8 augustus 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van verweerder.
1.2.
Ter zitting is besloten om de zaak aan te houden en een aanvullend medisch advies op te vragen. Partijen zijn daarnaast in de gelegenheid gesteld om overeenstemming te bereiken.
1.3.
Op 3 oktober 2025 hebben partijen de rechtbank verzocht om uitspraak te doen.
1.4.
De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten.

Beoordeling door de rechtbank

Wat ging er aan deze procedure vooraf?
2.1.
Eiseres heeft een aanvraag gedaan voor een gesloten buitenwagen. De scootmobiel dan wel het AOV (Aanvullend Openbaar Vervoer) bieden geen passende oplossing voor het vervoersprobleem dat zij ervaart vanwege haar medische problematiek. Verweerder heeft Argonaut verzocht om een advies uit te brengen. Op 24 februari 2023 heeft Argonaut negatief geadviseerd voor een gesloten buitenwagen omdat het AOV in combinatie met een scootmobiel ook in de vervoersbehoefte van eiseres zou kunnen voorzien. Verweerder heeft met het besluit van 6 maart 2023 (het primaire besluit) de aanvraag van eiseres afgewezen. Eiseres is op 20 maart 2023 in bezwaar gegaan. Op basis van wat in bezwaar naar voren is gekomen heeft verweerder een verzoek tot heronderzoek gedaan bij Argonaut. Op 17 augustus 2023 heeft Argonaut opnieuw een negatief advies uitgebracht. Verweerder heeft met het besluit van 22 september 2023 (het bestreden besluit) het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard. Eiseres heeft tegen deze beslissing beroep ingesteld bij de rechtbank.
2.3.
Na afloop van de zitting van 8 augustus 2024 en op verzoek van de rechtbank, heeft verweerder Argonaut verzocht om een aanvullend medisch advies uit te brengen en contact op te nemen met de longarts van eiseres.
2.4.
Argonaut heeft een nieuw medisch advies uitgebracht. Eiseres heeft daarop gereageerd. Verweerder is bij het bestreden besluit van 22 september 2023 gebleven.
Is het advies van Argonaut voldoende inzichtelijk en begrijpelijk gemotiveerd?
3.1.
Eiseres is van mening dat het onderzoek van Argonaut onzorgvuldig en onvolledig is geweest. Zij heeft namelijk last van chronische fibromyalgie en astma waardoor reizen in de koude buitenlucht voor haar niet mogelijk is. Ter onderbouwing heeft zij een brief van de verpleegkundig specialist ILD, astma & COPD (de verpleegkundige) overgelegd. De verklaring van de verpleegkundige staat volgens eiseres haaks op de adviezen van Argonaut. De verklaring van de verpleegkundige staat ook haaks op de nadere brief van de longarts van 28 november 2024 waarin wordt geconcludeerd dat er geen medische contra indicatie voor eiseres bestaat om in de buitenlucht te verblijven en zich te verplaatsen. Eiseres is van mening dat Argonaut niet haar gehele medische problematiek in acht heeft genomen. Het is voor haar onduidelijk welke vragen Argonaut haar longarts heeft gesteld. Ten slotte leest zij ook in dit advies niets terug met betrekking tot haar fibromyalgie. Het advies is volgens haar onzorgvuldig voorbereid, onvoldoende inzichtelijk en onbegrijpelijk gemotiveerd.
3.2.
Op grond van vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep (de Raad) mag een bestuursorgaan alleen op een medisch advies afgaan als dit advies zorgvuldig tot stand is gekomen, inzichtelijk is en begrijpelijk is gemotiveerd. Het is vervolgens aan de aanvrager om door middel van medische stukken aannemelijk te maken dat het advies niet klopt. [2] Dit betekent dat duidelijk moet zijn op grond van welke vormen van onderzoek en op basis van welke gegevens de adviseur tot zijn bevindingen is gekomen. Op het moment dat hieraan wordt voldaan dan mag verweerder daar in beginsel op vertrouwen bij zijn besluitvorming.
3.3.
De rechtbank is van oordeel dat het advies van Argonaut voldoende zorgvuldig tot stand is gekomen, inzichtelijk is en begrijpelijk is gemotiveerd. Argonaut heeft naar aanleiding van het verzoek van de rechtbank contact opgenomen met de longarts van eiseres en aanvullende vragen gesteld. In reactie hierop schrijft de longarts in haar brief van 28 november 2024 dat er geen specifieke medische risico’s zijn als eiseres contact heeft met de buitenlucht of zich verplaatst in de buitenlucht, zo lang zij haar astma met de daarvoor geëigende medicatie onderhoudt. De conclusie van Argonaut dat er dus geen medische contra-indicatie voor eiseres bestaat om in de buitenlucht te reizen, vindt de rechtbank inzichtelijk en voldoende gemotiveerd. Deze conclusie sluit ook bij de eerdere adviezen van Argonaut.
3.4.
Met betrekking tot de verklaring van de longverpleegkundige is de rechtbank van oordeel dat Argonaut terecht concludeert dat deze verklaring opmerkelijk is, omdat er wordt gesteld dat eiseres niet met het openbaar vervoer of in de buitenlucht kan reizen maar deze stelling niet verder wordt onderbouwd. De rechtbank had daarom in het proces-verbaal van de zitting van 11 augustus 2024 verweerder opgedragen Argonaut te verzoeken in de gaan op deze brief. Argonaut heeft nadere informatie opgevraagd bij de longarts van eiseres, die reageerde bij brief van 28 november 2024. De longarts concludeerde zoals gezegd dat er geen specifieke medische risico’s zijn als eiseres contact heeft met de buitenlucht of zich verplaatst in de buitenlucht. De rechtbank vindt het daarom inzichtelijk en voldoende gemotiveerd dat Argonaut zich op het standpunt heeft gesteld dat de verklaring van de longverpleegkundige, in samenhang bezien met de rest van het medische dossier van eiseres en de brief van de longarts van 28 november 2024, niet tot een ander oordeel leidt.
3.5.
Ook het standpunt van eiseres dat haar fibromyalgie niet kenbaar zou zijn meegewogen, kan de rechtbank niet volgen. In de vraagstelling op de eerste pagina van het aanvullend onderzoek wordt de fibromyalgie als klacht van eiseres expliciet genoemd. Dat deze term later in het advies niet meer expliciet wordt genoemd door Argonaut, betekent niet dat de fibromyalgie niet door Argonaut is meegewogen.
3.6.
Nu de brief van de longarts van 28 november 2024 door Argonaut kenbaar is meegewogen, is de conclusie dat er geen contra indicatie voor eiseres bestaat om in de buitenlucht te verblijven en zich te verplaatsen, voldoende inzichtelijk en begrijpelijk gemotiveerd.

Conclusie en gevolgen

4. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.D. Arnold, rechter, in aanwezigheid van mr. W.L. van der Pijl, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 24 februari 2026.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Wet Maatschappelijke Opvang 2015.
2.Zie in dit verband bijvoorbeeld de uitspraak van de Raad van 11 januari 2024, ECLI:NL:CRVB:2024:77.