De rechtbank Amsterdam heeft op 26 februari 2026 uitspraak gedaan over de tussentijdse toetsing van de voortzetting van een ISD-maatregel die op 14 februari 2025 voor twee jaar is opgelegd aan de veroordeelde. De maatregel is bedoeld ter beveiliging van de maatschappij en ter voorkoming van recidive.
Uit de stukken, waaronder voortgangsrapportages en een deskundigenverklaring, blijkt dat de veroordeelde een hoog risico op recidive en geweld vertoont en bekend is met schizofrenie/psychoses. Hoewel de veroordeelde vrijwillig wil terugkeren naar Syrië, is nog geen laissez-passer afgegeven door de Syrische ambassade, waardoor terugkeer nog niet mogelijk is.
De verdediging verzocht om beëindiging van de maatregel of aanhouding van de procedure, maar de rechtbank oordeelt dat de risico’s die aanleiding gaven tot oplegging onverminderd aanwezig zijn en dat het ontbreken van een laissez-passer een legitieme reden is om de maatregel voort te zetten. De rechtbank wijst erop dat de minister van Justitie en Veiligheid zelfstandig bevoegd is de maatregel te beëindigen zodra een laissez-passer wordt afgegeven.
De rechtbank besluit daarom de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel voort te zetten, waarbij de mogelijkheid tot beëindiging open blijft zodra de terugkeer naar Syrië kan plaatsvinden.