Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
1. [eiser 1]
2. [eiser 2]
eisers
gedaagde
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- dagvaarding van 3 februari 2025, met producties
- conclusie van antwoord met producties
- instructievonnis
- conclusie van repliek met producties
- conclusie van dupliek
- dagbepaling vonnis.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
‘Easyjet’opgenomen.
Vordering en verweer
a. € 636,20 aan hoofdsom te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf zaterdag 3
augustus 2024;
b. € 115,47 aan buitengerechtelijke incassokosten te vermeerderen
met de wettelijke rente;
c. wettelijke rente over € 250,00 vanaf de datum vlucht tot de algehele voldoening;
d. de proceskosten te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 dagen na vonnis;
€ 222,39 en € 564,74, waarvan Easyjet stelt dat deze zijn uitgekeerd aan de passagiers, zijn de passagiers niet bekend. Zij betwisten de gestelde betalingen. De door Easyjet in het geding gebrachte screenshots zijn geen betalingsbewijs. De betaling onder 1.6 ziet op andere schade die de passagiers hebben geleden zoals een gemiste hotelovernachting en is geen onderdeel van deze vordering. De betaling onder 1.8 ziet op restitutie ticketgelden. Gelet op het voorgaande vorderen de passagiers € 980,00 + € 17,00 – 360,80 = € 636,20.
Beoordeling
Easyjet’. Vast staat dat de betalingen door Easyjet zijn verricht aan de passagiers. Gelet op het voorgaande zijn de passagiers er op goede gronden vanuit gegaan met Easyjet te doen te hebben als uitvoerende luchtvaartmaatschappij en komt enige onduidelijkheid dienaangaande voor rekening en risico van Easyjet. De kantonrechter gaat er derhalve vanuit dat Easyjet de uitvoerende luchtvaartmaatschappij was.
Redelijke maatregelen
Informatieplicht
Richtsnoeren voor de interpretatie van Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad
‘De luchtvaartmaatschappij moet tegelijk de keuze tussen terugbetaling en een andere vlucht aanbieden. In het geval van aansluitende vluchten moet de luchtvaartmaatschappij tegelijk de keuze aanbieden tussen enerzijds terugbetaling en een terugvlucht naar de luchthaven van vertrek en anderzijds een andere vlucht. De luchtvaartmaatschappij moet de kosten dragen voor de andere vlucht of de terugvlucht en moet de door de passagier gemaakt kosten voor de vlucht terugbetalen als de luchtvaartmaatschappij haar verplichting om bij de eerste gelegenheid en onder vergelijkbare vervoersvoorwaarden een andere vlucht of een terugvlucht aan te bieden, niet nakomt. Wanneer de luchtvaartmaatschappij de keuze tussen terugbetaling en een andere vlucht en, in het geval van aansluitende vluchten, enerzijds terugbetaling en een terugvlucht naar de luchthaven van vertrek en anderzijds een andere vlucht, niet aanbiedt, maar eenzijdig beslist de passagier terug te betalen, heeft deze laatste recht op een verdere terugbetaling van het prijsverschil met het nieuwe ticket onder vergelijkbare vervoersvoorwaarden.’
Toepassing op het onderhavige geval
€ 564,74 is betaald aan de passagiers ter zake van deze vordering, gelet op de gemotiveerde betwisting daarvan door de passagiers. De screenshots zijn geen betalingsbewijs. Daarin is niet opgenomen op welk bankrekeningnummer de bedragen zouden zijn betaald. Tot slot volgt daar niet uit dat die vermeende betalingen de onderhavige vordering betreffen.
BESLISSING
€ 72,00 aan salaris gemachtigde, inclusief eventueel verschuldigde btw;