ECLI:NL:RBAMS:2026:2261
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering huurachterstand wegens onvoldoende bewijs eigendom verhuurder
Eiser heeft een vordering ingesteld tegen huurder tot betaling van een huurachterstand, vermeende boetes en kosten. De bedrijfsruimte betreft circa 255 m² op de derde verdieping van een winkelcentrum, oorspronkelijk gehuurd van een derde partij.
De kern van het geschil is of eiser daadwerkelijk eigenaar en verhuurder van de bedrijfsruimte is geworden. Uit de overgelegde splitsingsakte van 31 oktober 2024 blijkt dit onvoldoende, mede omdat het gewijzigde adres van de bedrijfsruimte niet overeenkomt met de kadastergegevens en de splitsingsakte. Eiser heeft dit niet overtuigend onderbouwd.
De kantonrechter oordeelt dat de splitsingsakte rechtsgeldig is ondertekend en geen aanleiding geeft tot twijfel. Ook het verzoek tot beslaglegging door de oorspronkelijke eigenaar op een later moment en het betalen van beslagkosten door eiser zijn onvoldoende om eigendom aan te tonen.
Daarom wordt de vordering afgewezen en moet eiser de proceskosten dragen. De proceskosten van gedaagde worden nihil begroot.
Uitkomst: De vordering tot betaling van huurachterstand wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van eigendom en verhuur door eiser.