Uitspraak
1.Inleiding
2.De mondelinge uitspraak
€ 261,51 afgedragen, een bedrag dat in de buurt komt van de kinderalimentatie die in eerste aanleg door de rechtbank was vastgesteld (€ 310,-).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De vrouw vordert dat de man wordt gedwongen tot betaling van kinderalimentatie door middel van lijfsdwang. Het gerechtshof Amsterdam had eerder de kinderalimentatie vastgesteld op basis van een netto-maandinkomen van €15.000,-, maar de man stelt dat zijn inkomen inmiddels aanzienlijk lager is en dat zijn vermogen is opgesoupeerd. De betalingsachterstand is opgelopen tot boven de €100.000,-.
De voorzieningenrechter overweegt dat lijfsdwang niet kan worden opgelegd bij betalingsonmacht. Uit de omstandigheden blijkt dat de man een Ziektewetuitkering ontvangt waarop executoriaal beslag wordt gelegd, dat hij schuldhulpverlening heeft aangevraagd en dat er geen aanwijzingen zijn dat hij een luxe levensstijl handhaaft. Deze feiten maken aannemelijk dat er sprake is van betalingsonmacht en niet van betalingsonwil.
De vordering tot lijfsdwang en proceskostenveroordeling wordt daarom afgewezen. De vrouw wordt geadviseerd om in het aangekondigde hoger beroep alle financiële stukken, inclusief belastingaanslagen, te overleggen. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering tot toepassing van lijfsdwang wordt afgewezen wegens aannemelijke betalingsonmacht.