Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
[eiser 1] B.V.,
2.
[eiser 2],
1.De zaak en de beslissing van de rechtbank in het kort
2.De procedure
3.De feiten
2 april 2025inhoudelijk te reageren. Wij verzoeken u daarbij nadrukkelijk om uw verklaringen te onderbouwen met documentatie. Indien u niet, niet tijdig of onvolledig reageert of indien uw reactie de thans geconstateerde risico’s onvoldoende wegneemt, heeft dit gevolgen voor de beoordeling van uw dossier.”
4.Het geschil
- instandhouding van de bankrelaties met [eiser] , op straffe van een dwangsom,
- verwijdering van de gegevens van [eiser] uit het IVR, op straffe van een dwangsom,
- betaling van de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
5.De beoordeling
red flags) ziet, waaronder:
moestopzeggen op grond van artikel 5 lid 3 Wwft Pro. Het antwoord op die vraag kan in het midden blijven. Zelfs als [eiser] gevolgd wordt in haar standpunt dat ING hier geen beroep op toekomt, was zij in ieder geval op grond van artikel 35 ABV Pro
bevoegdom de bankrelaties op te zeggen. Daartoe is het volgende redengevend.
€ 189,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)