Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.MND GROUP A.G.,
2.
KKCG GROUP AG,
3.
[gedaagde 3],
4.
[gedaagde 4],
5.
[gedaagde 5],
6.
[gedaagde 6],
7.
[gedaagde 7],
8.
[gedaagde 8],
1.Het procesverloop
- de dagvaarding van 17 april 2025, met producties,
- de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid, met producties en
- de conclusie van antwoord in het incident, met producties.
2.De feiten voor zover van belang in het incident
ultimate beneficial ownervan KKCG Group AG. [gedaagde 4] , [gedaagde 5] , [gedaagde 6] , [gedaagde 7] en [gedaagde 8] zijn bestuurder geweest van MND Nederland.
completionvan de SPFA. Daarnaast voorzag de SPFA erin dat MND Georgia een deel van de financieringsverplichting van CanArgo jegens de JV entiteiten, waaronder Martkopi, zou voldoen. MND Nederland stond voor die verplichting van MND Georgia garant. Zolang MND Georgia’s verplichtingen bestonden jegens CanArgo met betrekking tot de JV entiteiten, zou MND Nederland ten minste € 100.000.000 aan netto activa aanhouden (de Netto Activa Verplichting). CanArgo en MND Georgia sloten in het kader van de samenwerking ook een
joint ventureen
operating agreement(JVOA), waarin de verplichtingen uit de SPFA nader zijn uitgewerkt.
conditional asset purchase agreement(CAPA) met MND Georgia gesloten op grond waarvan MND Georgia na goedkeuring door de rechter te Guernsey het resterende belang van CanArgo in de JV entiteiten zou overnemen en daarmee 100% eigenaar van die entiteiten zou worden.
London Court of International Arbitration. Daarin vorderde CanArgo dat KBOC zou worden veroordeeld om op grond van de SPFA en de JVOA betalingen te doen aan CanArgo dan wel Martkopi. Op 12 oktober 2023 is KBOC veroordeeld tot betaling van USD 10.335.796 en GBP 1.865.776,07. Daarna hebben (de vereffenaars van) CanArgo en KBOC in 2024 een schikking bereikt en heeft KBOC USD 8.500.000 betaald aan de boedel.
3.De vorderingen in de hoofdzaak
4.Het geschil in het incident
5.De beoordeling in het incident
Handlungsortvan het door CanArgo gestelde onrechtmatige handelen is gelegen in Nederland. Daarvoor is het volgende van belang.
Handlungsort) en de plaats waar de schade is ingetreden (
Erfolgsort).
- MND Group AG en KKCG Group AG: als (indirecte) moedermaatschappij en aandeelhouder van MND Nederland en KBOC die wetenschap hadden van de gedragingen van MND Nederland en die de gedragingen actief dan wel passief hebben laten gebeuren en daarmee hun zorgplicht hebben verzaakt. Zij hebben ook geprofiteerd van het onrechtmatig handelen;
- [gedaagde 6] als bestuurder van KBOC en voormalig bestuurder van MND Nederland heeft passief en mogelijk ook actief meegewerkt aan het onttrekken van het vermogen van MND Nederland;
- [gedaagde 7] als voormalig CEO van MND Group AG, voormalig bestuurder van MND Nederland en bestuurder van KBOC heeft passief en mogelijk ook actief meegewerkt aan het onttrekken van het vermogen van MND Nederland;
- [gedaagde 8] als voormalig bestuurder van MND Nederland en voorheen uitvoerend directeur van KKCG AG heeft passief en mogelijk ook actief meegewerkt aan het onttrekken van het vermogen van MND Nederland;
- [gedaagde 4] als bestuurder van MND Group AG en KKCG Group AG en als feitelijk beleidsbepaler heeft uitvoering gegeven en deelgenomen aan beleid dat was gericht op het ontduiken van contractuele verplichtingen en het onttrekken van activa aan het verhaal van schuldeisers;
- [gedaagde 3] als uiteindelijk gerechtigde en feitelijk beleidsbepaler binnen de KKCG-groep, waaronder MND Group AG, MND Nederland en KBOC, heeft actief gezorgd voor het niet nakomen door MND Nederland van de contractuele verplichting jegens CanArgo.
Handlungsortzich in de plaats waarmee de door die vennootschap verrichte werkzaamheden en de financiële situatie met betrekking tot die werkzaamheden verband houden (HvJEU 18 juli 2013, ECLI:EU:C:2013:490,
ÖFAB/Koot). Uit het arrest
BMA Nederland(HvJEU 10 maart 2022, ECLI:EU:C:2022:173) kan worden afgeleid dat de invulling van het begrip bestuurdersaansprakelijkheid niet is beperkt tot de specifieke vorm van bestuurdersaansprakelijkheid die in het arrest-ÖFAB/Koot aan de orde was.
Handlungsort(zie 5.5) in dit geval in Nederland ligt en dat deze rechtbank rechtsmacht heeft. Gelet op het arrest
BMA Nederlandmoet worden aangenomen dat dit niet alleen geldt voor de bestuurders en aandeelhouders van de betrokken vennootschappen, maar ook voor de feitelijk beleidsbepalers.
Erfolgsortook in Nederland ligt en of de bevoegdheid eventueel ook kan worden gebaseerd op het bestaan van samenhangende vorderingen, komt de rechtbank daarom niet toe.
6.De beslissing
22 april 2026voor conclusie van antwoord van MND AG c.s. en