Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de dagvaarding van 7 augustus 2025 met producties,
- de conclusie van antwoord met producties,
- het tussenvonnis van 19 september 2025 waarin de kantonrechter een mondelinge behandeling heeft bepaald,
- de aanvullende producties 14 tot en met 17 van Proximedia,
- de aantekeningen van de mondelinge behandeling van 27 februari 2026,
- de door Proximedia op de mondelinge behandeling overgelegde telefoonnotitie.
3.De vordering van Proximedia
4.De beoordeling
nietrechtsgeldig zijn ontbonden, vindt de kantonrechter voorlopig dat de artikelen 2 en 8 van de overeenkomsten (over de looptijd van 24 maanden zonder mogelijkheid tot tussentijdse opzegging) onredelijk bezwarende bepalingen zijn. [3] Het gevolg daarvan is dat de bepalingen vernietigd worden. [4] Tussen partijen gelden dan de gewone wettelijke bepalingen over het opzeggen van een opdracht, wat betekent dat [gedaagde] het recht heeft om op ieder moment de overeenkomsten op te zeggen. [5] Daarnaast vindt de kantonrechter voorlopig dat artikel 7 van Pro de overeenkomsten een oneerlijk beding is als bedoeld in de richtlijn betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten. [6] Dat artikel wordt in dat geval vernietigd waardoor Proximedia geen aanspraak kan maken op de buitengerechtelijke incassokosten die zij op deze bepaling heeft gebaseerd. Ook niet op basis van de wettelijke regeling voor die kosten.
5.De beslissing
24 april 2026voor akte van partijen over de vraag of [gedaagde] als consument heeft gehandeld bij het sluiten van de overeenkomsten en zo ja, welke gevolgen de toepassing van de consument beschermende bepalingen hebben, zie hiervoor onder 4.2 en verder,