Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
2.De verdere beoordeling
business rulesen andere indicatoren, zich uitsluitend in het domein van ING en heeft ING hierover onvoldoende inzicht gegeven. IMD voert verder aan dat tijdens de getuigenverhoren specifieke vragen hierover werden geweigerd. Daarnaast stelt IMD dat de door de rechtbank gehanteerde term ‘subjectieve wetenschap’ geen steun vindt in de rechtspraak van de Hoge Raad. Volgens IMD volgt uit het arrest van de Hoge Raad [1] dat bepalend is of de bank wist van ongebruikelijk betalingsverkeer op de betreffende rekening. Die wetenschap moet volgens IMD in het huidige bancaire systeem anno 2019 en later mede worden afgeleid uit de werking van geautomatiseerde transactiemonitoringssystemen, die transacties automatisch analyseren en classificeren.
an sicheen trigger is. Volgens [naam getuige 3] zijn er veel zakelijke rekeningen zijn waar maar één keer per jaar een groot bedrag wordt ontvangen. Hij verklaarde daarnaast dat het feit dat het ontvangen bedrag vrijwel meteen naar buitenlandse rekening werd overgemaakt, niet betekent dat er een alert zou moeten zijn gekomen.