De stichting Acibadem vordert betaling van onbetaalde facturen voor medische behandelingen die de gedaagde in januari en februari 2025 heeft ondergaan. Ondanks sommaties heeft de gedaagde niet betaald en voert hij aan dat hij de facturen te laat heeft gezien vanwege een verblijf in Turkije.
De kantonrechter toetst ambtshalve het prijsbeding in de geneeskundige behandelovereenkomst aan het consumentenrecht en de Richtlijn oneerlijke bedingen. Hoewel het prijsbeding niet transparant is omdat vooraf geen concrete prijsinformatie is verstrekt, wordt het niet als oneerlijk beoordeeld omdat de patiënt uiteindelijk slechts de vergoeding van de zorgverzekeraar en het eigen risico hoeft te betalen.
De vordering wordt verminderd met reeds betaalde € 50,00 en toegewezen tot een bedrag van € 411,51, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De gedaagde wordt tevens veroordeeld tot betaling van proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.