2.6.[gedaagde] heeft op 2 maart 2026 bij de voorzieningenrechter van deze rechtbank verlof gevraagd voor het leggen van conservatoir beslag op de aandelen die [eiser 1]
houdt in [eiser 2] en [bedrijf 2] , op de
aandelen die [eiser 3] B.V. houdt in [eiser 4] B.V. en
[eiser 5] B.V. en onder diverse Nederlandse banken ten
laste van [eisers]
In het beslagrekest is, voor zover hier van belang, het volgende opgenomen:
‘(…)
2. Het zakelijke netwerk en de ondernemingsachtergrond van verzoekster vormen de context waarbinnen zij in het verleden zakelijke relaties en transacties is aangegaan met (...) [eiser 1] . In dat kader hebben verzoekster en gerekwestreerde sub 1 ( [eiser 1] , vzr.) elkaar leren kennen en is tussen hen een handelsrelatie ontstaan.
3. Op basis van het in de loop van deze handelsrelatie ontstane wederzijdse vertrouwen heeft verzoekster aan gerekwestreerde sub 1 een aanzienlijke geldsom ter beschikking gesteld. Ter vastlegging van de terugbetalingsverplichting zijn naar Turks recht een tweetalbono(…) opgesteld, waarbij gerekwestreerden ( [eisers] , vzr.) zich hebben verbonden tot terugbetaling. Ondanks het verstrijken van de overeengekomen vervaldata hebben gerekwestreerden deze verplichtingen onbetaald gelaten.
4. Nu betaling is uitgebleven en verzoekster haar vorderingen onbetaald ziet, ziet zij zich genoodzaakt om, ter verzekering van haar verhaalspositie, verlof te verzoeken tot het leggen van conservatoir beslag ten laste van gerekwestreerden. Daartoe wordt het navolgende aangevoerd.
De overeenkomst tussen partijen en de tekortkoming:
5. Tussen verzoekster en gerekwestreerde sub 1, (…) [eiser 1] en de andere gerekwestreerden is een rechtsverhouding ontstaan uit hoofde van twee naar Turks recht op 26 mei 2023 opgemaakte notariële bono (schuldbekentenissen), ter hoogte van respectievelijk € 5.000.000,00 en USD 35.000.000,00. (…)
(…)
10. In het stuk m.b.t. € 5.000.000,00 is een vaste vervaldatum opgenomen, te weten 8 mei 2025, waarop het verschuldigde bedrag volledig aan verzoekster dient te worden voldaan. In het stuk m.b.t. USD 35.000.000,00 is een vaste vervaldatum van 5 mei 2025 opgenomen. De stukken bevatten daarmee alle essentiële elementen die kenmerkend zijn voor een zelfstandige betalingsverplichting: het verschuldigde bedrag, de crediteur, de debiteur(en) en de vervaldatum.
11. Verzoekster heeft haar verplichtingen uit de overeenkomst volledig en tijdig nagekomen door het overeengekomen bedrag daadwerkelijk ter beschikking te stellen.
(…)
12. Ondanks het verstrijken van de overeengekomen vervaldata zijn gerekwestreerden hun verplichtingen uit hoofde van de overeenkomsten niet nagekomen. Tot op heden heeft
verzoekster geen (gedeeltelijke) betaling ontvangen. Gerekwestreerden verkeren derhalve
respectievelijk sinds 5 mei 2025 en 8 mei 2025 in verzuim.’ (…)