Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
als ik weer thuis ben uit de kliniek dan ga ik hem vermoorden”. Deze uiting was gericht aan zijn buurman, [slachtoffer] (hierna: aangever). [2] Op 20 maart 2025 hebben verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] aan aangever de uiting van verdachte kenbaar gemaakt; aangever heeft vervolgens aangifte gedaan van bedreiging door verdachte. [3]
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van de feiten
6.De strafbaarheid van verdachte
psychologenkomen tot de conclusie dat er bij verdachte sprake is van een autismespectrumstoornis, stoornissen in het gebruik van een amfetamineachtig middel (crystal meth) en cannabis, en een andere gespecificeerde schizofreniespectrum- of andere psychotische stoornis, welke aanwezig waren en verdachte beïnvloedde ten tijde van het plegen van het tenlastegelegde. Verdachte werd op 3 maart 2025 opgenomen met een crisismaatregel vanwege een psychotisch toestandsbeeld, aangewakkerd door crystal meth gebruik. Tjdens vervoer in de ambulance werd verdachte wakker en raakte hij in paniek, omdat hij dacht dat hij werd ontvoerd. Toen verdachte uit de ambulance probeerde te breken heeft hij een kast vernield. Zijn acties waren logisch binnen een psychotisch toestandsbeeld. De psychologen adviseren de vernieling in zijn geheel niet aan verdachte toe te rekenen. Ten aanzien van de bedreiging werd het gedrag van verdachte gestuurd vanuit zowel langdurige frustraties binnen zijn partnerrelatie als het psychotisch toestandsbeeld, aangewakkerd door zijn stoornis in het gebruik van crystal meth. Zijn autismespectrumstoornis beperken hem in het voldoende aanpassen aan, en constructief oplossen van conflicten. Het is onduidelijk in hoeverre verdachte in deze psychotische toestand de conflicten met zijn partner en frustraties hierover nog heeft kunnen onderscheiden van paranoïde interpretaties van zijn situatie. Niet met zekerheid kan gesteld worden of hij nog in enige mate sturing heeft kunnen geven aan zijn handelen of dat deze volledig aangestuurd werd vanuit het toestandsbeeld. De psychologen adviseren daarom de bedreiging in ten minste sterk verminderde mate toe te rekenen.
psychiaterkomt tot de conclusie dat bij verdachte sprake is van een autismespectrumstoornis en een middelen geïnduceerde psychotische stoornis op basis van een ernstige verslavingsstoornis, welke aanwezig waren en verdachte beïnvloedde ten tijde van het plegen van het tenlastegelegde. Verdachte verkeerde in een paranoïde psychose, veroorzaakt door chronisch stimulantengebruik. Gelet op de psychische toestand waarin verdachte verkeerde, een door wanen gedomineerde toestand waarin realiteitsbesef en impulscontrole ernstig waren aangetast, kan niet worden gesteld dat verdachte volledig verantwoordelijk kan worden gehouden voor zijn daden. Omdat verdachte zichzelf in deze toestand had gebracht, acht de psychiater verdachte niet volledig ontoerekeningsvatbaar. De psychiater adviseert om beide feiten in sterk verminderde mate aan verdachte toe te rekenen.
psycholoogconcludeert dat bij verdachte sprake is van een stoornis in het autismespectrum, een antisociale persoonlijkheidsstoornis, een ernstige stoornis in het gebruik van een amfetamine-achtig middel (crystal meth), een psychotische stoornis door een middel (eveneens crystal meth), alsmede een matige stoornis in het gebruik van alcohol en cannabis, welke aanwezig waren en verdachte beïnvloedde ten tijde van het plegen van het tenlastegelegde. Toen verdachte ontwaakte in de ambulance vreesde hij, conform de aard van de psychotische belevingen waarvoor hij gedwongen was opgenomen, dat hij ontvoerd werd met als oogmerk vermoord te worden. In paniek trachtte verdachte te ontsnappen, waarbij hij een kastdeur van de ambulance beschadigde. Daarnaast is bekend dat de inhoud van de psychose waarvoor verdachte gedwongen werd opgenomen een reële basis in zich draagt. Ten aanzien van de vernieling acht de psycholoog verdachte volledig ontoerekenbaar. Verdachte heeft vaker bedreigingen geuit in boosheid en irritatie en hij had op basis van het verleden kunnen weten dat men dergelijke dingen niet zegt. De psycholoog acht verdachte dan ook – zeker gezien de context waarbinnen de uitspraak plaatsvond – verminderd toerekenbaar ten aanzien van de bedreiging.
psychiaterconcludeert dat bij verdachte sprake is van een autismespectrumstoornis, problematisch middelengebruik (crystal meth, amfetamine, cannabis en alcohol) en een antisociale persoonlijkheidsstoornis, welke aanwezig waren en verdachte beïnvloedde ten tijde van het plegen van het tenlastegelegde. Vanuit een gestuwde psychotische gedachtegang, aangewakkerd door stimulantia gebruik in de periode daaraan voorafgaand, dacht verdachte dat hij werd ontvoerd. Verdachte raakte in paniek en in zijn poging aan zijn ‘ontvoerders’ te ontsnappen vernielde hij een onderdeel van de ambulance. De psychiater is van mening dat verdachte geen sturing had over zijn gedrag en adviseert verdachte ten aanzien van de vernieling volledig ontoerekenbaar te achten. Ten tijde van de bedreiging was van desoriëntatie geen sprake meer. Hoewel sprake was van een emotioneel en mogelijk deels verward toestandsbeeld, worden de uitspraken ook gezien als uitwerking van het stimulantia gebruik. De psychiater adviseert de bedreiging in een verminderde mate toe te rekenen.
7.Op te leggen maatregelen
8.Vordering benadeelde partij
9.Voorlopige hechtenis
10.Beslissing
onbepaalde tijd,met dien verstande dat het onderzoek moet zijn hervat binnen drie maanden.