Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
mr. Schelvis-Neuteboom, mr. Lasschuit en tolk F.J. Klunder (Engelse taal). De man is verschenen met mr. Staals. De vrouw heeft de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. De man heeft verweer gevoerd. Ook heeft hij een tegenvordering (eis in reconventie) ingesteld die door de vrouw is bestreden. Beide partijen hebben producties ingediend. Vonnis is bepaald op vandaag.
2.De feiten
3.Het geschil in conventie
- het gezamenlijk verstrekken van een bemiddelingsopdracht voor de verkoop van de woning aan de heer [naam 1] van Vlieg Makelaars of een andere makelaar van dat kantoor;
- het tijdig en onbelemmerd toestaan van de fotograaf voor het maken van de foto's;
- het tijdig en onbelemmerd toestaan van bezichtigingen door potentiële kopers;
- het meewerken aan de verkoop tegen een marktconforme prijs, zoals geadviseerd door de makelaar;
- het opvolgen van verkoopadviezen van de makelaar, alsmede het laten vaststellen van de vraag- en laatprijs door de makelaar;
- het opstellen en tekenen van de tot stand te brengen koopovereenkomst;
- het tekenen en passeren van de akte van levering,
- de opstelling en ondertekening van de bemiddelingsopdracht aan de heer [naam 1] van Vlieg Makelaars, of een andere makelaar van zijn kantoor;
- de opstelling en ondertekening van de koopovereenkomst voor de verkoop van het appartementsrecht aan een derde;
- de opstelling en ondertekening van de notariële leveringsakte van het appartementsrecht;
4.Het geschil in reconventie
5.De beoordeling in conventie en reconventie
€ 1.350,00 per maand gaat betalen, vanaf 1 januari 2026 zolang hij het exclusieve gebruik van de woning heeft. De stelling van de man dat hij met de kosten die hij maakt voor de verzorging van de honden feitelijk al gebruiksvergoeding betaalt, wordt niet gevolgd. Daarbij betwist de vrouw dat die kosten € 420,00 per maand bedragen en de man heeft deze kosten niet onderbouwd. Voor de hand ligt dat de vrouw bijdraagt in de verzorgingskosten voor de honden zolang de man deze verzorgt, maar dat heeft met de gebruiksvergoeding niets te maken en er is geen vordering ingediend met betrekking tot de verzorgingskosten van de honden. De toewijzing van de voorlopige gebruiksvergoeding aan de vrouw is gebaseerd op haar dubbele woonlasten en het gebruik van de woning door de man. Sinds november 2025 is zij echter gestopt met het betalen van haar aandeel in de vaste lasten van de gezamenlijke woning, terwijl zij nog steeds hoofdelijk aansprakelijk is voor de hypothecaire geldlening en overige aan de woning verbonden kosten. Het bedrag van € 1.350,00 per maand dat aan de vrouw toekomt, kan verrekend worden met een overeenkomend gedeelte van het aandeel van € 1.500,00 van de vrouw in de woonlasten. De door de man gevorderde dwangsom zal niet worden toegewezen, omdat aan het betalen van geld geen dwangsom kan worden verbonden.