ECLI:NL:RBAMS:2026:53
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening maatschappelijke opvang ondanks beperkte zelfredzaamheid
Verzoeker, die na een echtscheiding zeven jaar dakloos is, verbleef in een locatie van HVO Querido en diende een aanvraag in voor maatschappelijke opvang. Verweerder wees deze aanvraag af op basis van een GGD-onderzoek dat beperkte ondersteuningsvragen vaststelde, waarbij de ondersteuning vanuit het buurtteam als voldoende werd beoordeeld.
Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening, waarbij hij stelde dat hij niet zelfredzaam is en dat de belangen van zijn kinderen onvoldoende zijn meegewogen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het GGD-onderzoek betrouwbaar is en dat de door verzoeker aangevoerde trauma’s en cognitieve beperkingen onvoldoende onderbouwd zijn.
Hoewel de belangen van de kinderen in het bestreden besluit summier zijn betrokken, achtte de voorzieningenrechter dit voorlopig voldoende. De belangenafweging viel niet in het voordeel van verzoeker uit, mede omdat onvoldoende is aangetoond dat verblijf in alternatieve opvang onmogelijk is.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om een voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is bindend en er is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor maatschappelijke opvang wordt afgewezen omdat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft en de belangenafweging niet in het voordeel van verzoeker uitvalt.