Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBAMS:2026:5964

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
9 juni 2026
Publicatiedatum
11 juni 2026
Zaaknummer
C/13/788134 / KG ZA 26-418 LV/EV
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 555 RvArt. 444 RvArt. 61 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing ontruimingsvordering tegen krakers met proceskostenveroordeling

In deze kort geding procedure vordert eiseres de ontruiming van een pand dat door gedaagden is gekraakt. Gedaagden zijn niet verschenen, waarna verstek is verleend. De voorzieningenrechter beoordeelt dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is, maar stelt de termijn voor ontruiming vast op drie dagen in plaats van de door eiseres gevorderde twee dagen.

De voorzieningenrechter veroordeelt gedaagden hoofdelijk om het pand binnen drie dagen na betekening te ontruimen, waarbij ontruiming door de deurwaarder met behulp van de sterke arm kan worden uitgevoerd. Tevens wordt bepaald dat de ontruiming ook tegen personen die zich binnen een maand na ontruiming onrechtmatig in het pand bevinden, kan worden uitgevoerd.

Daarnaast worden gedaagden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiseres, begroot op €1.935,14, te vermeerderen met advertentiekosten en bijkomende kosten bij niet-tijdige betaling. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot ontruiming binnen drie dagen en hoofdelijk tot betaling van proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/788134 / KG ZA 26-418 LV/EV
Vonnis in kort geding van 9 juni 2026
in de zaak van
[eiser] B.V.,
te [vestigingsplaats],
eisende partij bij gelijkluidende dagvaardingen van 29 mei 2026,
advocaat: mr. R.N.E. Visser,
tegen
[gedaagden],
te [woonplaats] ,
gedaagden,
niet verschenen.

1.De procedure

Op de mondelinge behandeling van 9 juni 2026 zijn namens eiseres verschenen [naam 1] ( [functie 1] ) en [naam 2] ( [functie 2] ) met mr. Visser. Eiseres heeft de in kopie aan dit vonnis gehechte dagvaarding en de bijbehorende producties toegelicht. Vervolgens heeft zij verzocht vonnis te wijzen. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend. Vonnis is bepaald op vandaag.

2.De beoordeling

2.1.
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor. De termijn voor ontruiming zoals bepaald in artikel 555 Rv Pro (gedwongen ontruiming) is echter – anders dan de gevorderde twee dagen – gesteld op drie dagen. De vordering zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld.
2.2.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom hoofdelijk de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiseres worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
251,14
- griffierecht
735,00
- salaris advocaat
760,00
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.935,14
te vermeerderen met de kosten van de op grond van artikel 61 Rv Pro voorgeschreven advertentie.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter
3.1.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk om het pand aan [adres] binnen drie dagen na betekening van dit vonnis met al de hunnen en het hunne te ontruimen, welke ontruiming zo nodig door de deurwaarder bewerkstelligd kan worden met behulp van de sterke arm conform het in artikel 555 e.v. jo. 444 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) bepaalde,
3.2.
bepaalt dat de veroordeling tot ontruiming ten uitvoer kan worden gelegd tegen eenieder die zich gedurende één maand na de initiële ontruiming onrechtmatig in het pand bevindt of daar binnentreedt, telkens wanneer zich dit voordoet,
3.3.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 1.935,14, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van de op grond van artikel 61 Rv Pro voorgeschreven advertentie, en te vermeerderen met € 98 plus de kosten van betekening als zij niet tijdig aan deze veroordelingen voldoen en eiseres het vonnis daarna betekent,
3.4.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. L. Voetelink, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.P.M. Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 9 juni 2026. [1]

Voetnoten

1.Type: EV