Eiser, een Portugees, verbleef slechts een maand in Nederland in 1995 als toerist en heeft sindsdien niet in Nederland gewoond of gewerkt. Hij verzocht om vaststelling van zijn verzekeringsstatus voor de Wet langdurige zorg (Wlz) vanaf 1 januari 1996, omdat hij psychische klachten ontwikkelde na zijn verblijf in Nederland.
Verweerder oordeelde dat eiser niet verzekerd is voor de Wlz omdat hij niet in Nederland woont of werkt en dat Portugal als woonland en bevoegde lidstaat geldt volgens Verordening (EG) nr. 883/2004. De rechtbank bevestigt dit oordeel en wijst erop dat de verordening geen bevoegdheid toekent op grond van de plaats waar arbeidsongeschiktheid ontstaat.
Eisers verzoek om een verklaring voor recht dat Nederland verantwoordelijk is voor zijn arbeidsongeschiktheid wordt niet toegewezen, omdat dit niet binnen de beoordeling van het bestuursorgaan valt. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en laat het bestreden besluit in stand.