Uitspraak
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
1.De procedure
- het bericht van 1 mei 2026 met productie van Prosper
- het bericht van 2 mei 2026 van [gedaagden]
- het bericht van 5 mei 2026 met producties van [gedaagden]
Rechtbank Amsterdam
De zaak betreft een vordering van Prosper Investments B.V. tegen twee huurders die sinds november 2018 een woning huren. De huurders hebben een huurachterstand opgebouwd die op het moment van dagvaarding €9.799,26 bedroeg, en op de datum van de mondelinge behandeling €8.999,26. De huurders betalen de lopende huur en lossen maandelijks €200 af. De ouders van de huurders wonen sinds januari 2025 mee in de woning en hebben een garantstelling ondertekend.
Prosper vordert betaling van de huurachterstand, ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning. De huurders erkennen de achterstand en stellen dat zij de lopende huur en aflossing kunnen betalen. Zij betogen dat ontbinding hen en hun ouders zwaar zal treffen, mede vanwege hun financiële situatie en persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank stelt vast dat de huurachterstand onbetwist is en wijst de vordering tot betaling en wettelijke rente toe. De ontbinding wordt echter afgewezen omdat de achterstand beheersbaar is en de gevolgen van verlies van de woning te ingrijpend zijn. De belangen van de ouders, die garant staan en mee wonen, wegen mee. De huurders worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van de huurachterstand en proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Huurders worden veroordeeld tot betaling van huurachterstand en rente, ontbinding en ontruiming worden afgewezen.