ECLI:NL:RBAMS:2026:6503
Rechtbank Amsterdam
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Huurprijscorrectie wegens onzelfstandige woonruimte in groepswoning
In deze zaak stond centraal of de door VDZ Vastgoed verhuurde woonruimte aan de [adres] een zelfstandige woning betrof of onzelfstandige woonruimte (kamerhuur). De kantonrechter concludeerde op basis van de feitelijke situatie dat sprake was van onzelfstandige woonruimte, ondanks dat op papier de woning als geheel aan de huurders was verhuurd.
De huurders, allen studentes, hadden ieder een eigen kamer met exclusief gebruiksrecht, terwijl gemeenschappelijke voorzieningen zoals keuken, badkamer en toilet gedeeld werden. Er was geen sprake van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. De huurcommissie had eerder vastgesteld dat de overeengekomen huurprijs niet redelijk was en dat de woonruimte onzelfstandig was.
VDZ Vastgoed stelde dat de huurprijs geliberaliseerd was en dat de woonruimte zelfstandig was, maar dit werd verworpen. Ook het verweer dat sommige huurders niet ontvankelijk waren wegens te late indiening van het verzoek tot huurprijsaanpassing werd afgewezen vanwege onduidelijkheid die aan de verhuurder te wijten was.
De kantonrechter wees de vorderingen van VDZ Vastgoed af, veroordeelde hen tot terugbetaling van het teveel betaalde aan huurders, en legde hen de proceskosten op. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kantonrechter oordeelt dat sprake is van onzelfstandige woonruimte en veroordeelt VDZ Vastgoed tot terugbetaling van te veel betaalde huur en betaling van proceskosten.