Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.Het verzoek
3.De beoordeling
leden, op 9 juni 2026 in tegenwoordigheid van de griffier.
Rechtbank Amsterdam
Bij de rechtbank Amsterdam is een verzoek tot verschoning ingediend door de rechter die de zaak in behandeling had. Dit verzoek is gebaseerd op het feit dat de rechter de verdachte in het verleden als advocaat heeft bijgestaan. Volgens artikel 518 van Pro het Wetboek van Strafvordering moet worden beoordeeld of feiten of omstandigheden de rechterlijke onpartijdigheid kunnen schaden.
De rechtbank oordeelt dat er een geobjectiveerde vrees bestaat dat de rechter de zaak niet onpartijdig kan behandelen vanwege zijn eerdere rol als advocaat van de verdachte. Daarom wordt het verzoek tot verschoning toegewezen zonder mondelinge behandeling, conform de procedure voor verschoningsverzoeken.
De behandeling van de strafzaak met parketnummer 13-073791-26 wordt voortgezet door een andere rechter. Deze beslissing is definitief en er staat geen rechtsmiddel tegen open. Een afschrift van de beslissing wordt toegezonden aan de gemachtigden van partijen en de rechter zelf.
Uitkomst: Verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege eerdere advocaatrelatie met verdachte; zaak wordt voortgezet door andere rechter.