ECLI:NL:RBAMS:2026:6948

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
21 mei 2026
Publicatiedatum
8 juli 2026
Zaaknummer
C/13/787312
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 557a lid 3 RvArt. 61 RvArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verstekvonnis met ruime herkraakbepaling tegen krakers in sociale woning

De Rechtbank Amsterdam heeft op 21 mei 2026 een verstekvonnis gewezen in kort geding tegen krakers die een sociale woning van woningstichting Eigen Haard bezetten. De gedaagden zijn niet verschenen, waarna de voorzieningenrechter de vorderingen van eiseres toewijst.

Eiseres voert een groot verduurzamingsproject uit en ondervindt hinder doordat woningen onbedoeld langer leegstaan en worden gekraakt. Dit belemmert de beschikbaarheid van sociale woningen voor wachtlijstkandidaten en leidt tot hoge ontruimingskosten. Er zijn aanwijzingen dat het om dezelfde of samenwerkende krakersgroepen gaat.

De voorzieningenrechter veroordeelt de krakers tot ontruiming binnen drie dagen en stelt een ruime herkraakbepaling in, zodat het vonnis ook tegen andere onrechtmatige gebruikers van woningen van eiseres in de betreffende locatie kan worden uitgevoerd. Tevens worden de krakers hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten en wettelijke rente. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Verstekvonnis tot ontruiming met ruime herkraakbepaling en hoofdelijke proceskostenveroordeling.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/787312 / KG ZA 26-357 EAM/EB
Vonnis in kort geding van 21 mei 2026
in de zaak van
WONINGSTICHTING EIGEN HAARD,
te Amsterdam,
eisende partij bij dagvaarding van 12 mei 2026,
hierna te noemen: eiseres,
advocaat: mr. J.P. van Oudenhoven,
tegen
HEN DIE VERBLIJVEN IN DE ONROERENDE ZAAK OF EEN GEDEELTE DAARVAN PLAATSELIJK BEKEND TE [plaats] AAN [adres],
gedaagde partij,
hierna te noemen: (de niet verschenen) gedaagden.

1.De procedure

Op de zitting van 20 mei 2026 zijn aan de zijde van eiseres verschenen [naam] (medewerker rechtmatige bewoning), mr. L. Pruntel (bedrijfsjurist) en mr. Van Oudenhoven. Gedaagden zijn niet verschenen. Eiseres heeft verzocht vonnis te wijzen overeenkomstig de dagvaarding die in kopie aan dit vonnis is gehecht. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend.

2.De beoordeling

2.1.
De vordering komt niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen. Ook de vordering om te bepalen dat dit vonnis ten uitvoer kan worden gelegd tegen onrechtmatige gebruikers van andere woningen van eiseres in [locatie] te [plaats] zal worden toegewezen. Eiseres is daar bezig met een groot verduurzamingsproject en zij ondervindt veel hinder bij het uitvoeren en afronden van die werkzaamheden doordat de woningen telkens worden gekraakt wanneer zij – door miscommunicatie tussen aannemers of andere redenen – hangende dat project onbedoeld iets langer leeg staan dan gewenst. Er zijn aanwijzingen dat het om dezelfde, of met elkaar samenwerkende groep(en) krakers gaat. Door de woningen te kraken tijdens het renovatieproject beletten de krakers dat er sociale woningen beschikbaar komen voor gegadigden op de wachtlijst die daarvoor in aanmerking komen. De ontruimingsprocedures kosten eiseres handenvol geld die zij beter kan besteden om haar woningbestand te verbeteren of uit te breiden.
2.2.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiseres worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
151,94
- griffierecht
735,00
- salaris advocaat
760,00
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.835,94
Bij dit bedrag moeten de kosten voor de in artikel 61 Rv Pro voorgeschreven advertentie nog worden opgeteld.
2.3.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
2.4.
De kostenveroordeling wordt hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter
3.1.
veroordeelt gedaagden de woning aan [adres] te [plaats] met al degenen die zich daarin bevinden al hetgeen zich daarin bevindt voor zover dat geen eigendom is van eiseres, binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen en ter vrije beschikking aan eiseres te stellen, onder afgifte van de sleutels, en de woning ontruimd te houden,
3.2.
bepaalt dat dit vonnis ook ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging zonder recht of titel bevindt in de onroerende zaken van eiseres in [locatie] te [plaats],
3.3.
bepaalt dat dit vonnis binnen de in artikel 557a lid 3 Rv genoemde termijn van één jaar ook ten uitvoer kan worden gelegd tegen een ieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging in de woningen vermeld onder 3.1 en 3.2 bevindt of daar binnentreedt, en telkens wanneer zich dat voordoet,
3.4.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 1.835,94, te vermeerderen met de kosten van de in artikel 61 Rv Pro voorgeschreven advertentie, en met € 98,00 plus de kosten van betekening als dit vonnis wordt betekend,
3.5.
veroordeelt gedaagden hoofdelijk tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis zijn betaald, en tot betaling van de wettelijke rente over € 98,00 plus de kosten van betekening vanaf veertien dagen na die betekening,
3.6.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.7.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.A. Messer, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E. van Bennekom, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2026. [1]

Voetnoten

1.Coll: BB