Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
2.De feiten
€ 620.000.
Rechtbank Amsterdam
Partijen zijn in 2010 in Portugal getrouwd en in 2025 door de rechtbank Amsterdam gescheiden met een beschikking over de verdeling van hun huwelijksgemeenschap, waaronder twee woningen: een in Portugal en een in Nederland.
De vrouw vordert in kort geding dat de man meewerkt aan een nieuwe taxatie van de woning in Portugal, omdat zij de door de man overgelegde taxatie ondeugdelijk acht. De man verzet zich hiertegen en stelt dat de taxatie volgens het door de rechtbank bepaalde spoorboekje is uitgevoerd. De rechtbank oordeelt dat de discussie over de taxatie in hoger beroep thuishoort en wijst de vordering van de vrouw af.
In reconventie vordert de man vervangende toestemming om namens de vrouw de woning in Nederland te verkopen en de vrouw te verplichten mee te werken aan het verkoopproces. De rechtbank stelt vast dat de vrouw de verkoop onnodig vertraagt en dat de woning volgens het spoorboekje verkocht moet worden. De rechtbank verleent de man vervangende toestemming, veroordeelt de vrouw tot medewerking en legt een dwangsom op bij niet-naleving.
De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering tot nieuwe taxatie woning Portugal afgewezen; man krijgt vervangende toestemming voor verkoop woning Nederland met dwangsom bij niet-medewerking vrouw.