Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
the Câmpulung Court, [domicilie-adres], Roemenië, (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
the Câmpulung Court, [domicilie-adres].Dit vonnis werd definitief met het arrest van 10 februari 2026 (no. 161/A) van
the Court of Appeal Pitești.
4.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro
- Kunt u het d formulier invullen ten aanzien van de zittingen op 15 september 2025, 20 oktober 2025, 15 december 2025, 19 januari 2026 en 21 januari 2026?
- Indien de opgeëiste persoon niet in persoon op de zitting(en) is verschenen, niet in persoon is opgeroepen, de oproeping in zijn handen heeft ontvangen, en de opgeëiste persoon zijn advocaat niet heeft gemachtigd, kunt u dan de volgende vragen beantwoorden?:
- Heeft de opgeëiste persoon zijn adres aan de Roemeense autoriteiten doorgegeven tijdens de procedure in de strafzaak die leidde tot het arrest van
- Zijn de oproepingen voor de zittingen naar het door de opgeëiste persoon opgegeven adres verzonden?
- Heeft de opgeëiste persoon tijdens de procedure instructies ontvangen over de plicht om de Roemeense autoriteiten te informeren over adreswijzigingen en op de gevolgen van het nalaten daarvan?
- Heef de opgeëiste persoon adreswijzigingen doorgeven?
by the person concerned or…’
‘summoned in person’en dus als in persoon uitgereikt aan. Gestelde vragen over de adresinstructie zijn daarnaast onbeantwoord gebleven.
the Piteşti Court of Appealvan 10 februari 2026 (no. 161/A) toetsen aan artikel 12 OLW Pro.
“The judgement on the merits contested by personal appeal by [opgeëiste persoon] ”,leidt de rechtbank af dat het hoger beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Blijkens het EAB en de aanvullende informatie is de opgeëiste persoon aanwezig geweest op de zitting van 24 november 2025. Voor de zittingen van 15 september 2025, 20 oktober 2025, 15 december 2025 en 19 januari 2026 is de opgeëiste persoon in persoon opgeroepen. Op de zitting van 21 januari 2026 is de opgeëiste persoon vertegenwoordigd door een door de staat aangestelde raadsman die door de opgeëiste persoon was gemachtigd. Voor zowel de oproepingen in persoon als de informatie dat de opgeëiste persoon op de zitting van 21 januari 2026 is vertegenwoordigd door een gemachtigd raadsman geldt dat de rechtbank gelet op het vertrouwensbeginsel uit moet gaan van de juistheid van die informatie. Door de opgeëiste persoon en zijn raadsman zijn ook geen objectieve stukken overgelegd waaruit blijkt dat de informatie onjuist is. De enkele ontkenning van de opgeëiste persoon is daartoe niet voldoende. Daarbovenop heeft de opgeëiste persoon tijdens de behandeling van de zitting van 1 juli 2026 van deze rechtbank aangegeven dat zijn adres bekend was bij de rechtbank in Roemenië en dat hij inderdaad bereikbaar was op dat adres. De rechtbank stelt dan ook vast dat de opgeëiste persoon van de procedure in hoger beroep op de hoogte was, maar dat hij stilzwijgend afstand heeft gedaan van zijn recht om bij (alle) zittingen in hoger beroep aanwezig te zijn. Onder deze omstandigheden levert het toestaan van de overlevering geen schending op van de verdedigingsrechten van de opgeëiste persoon.
5.Strafbaarheid: feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist
6.Artikel 11 OLW Pro: detentieomstandigheden
National Penitentiary Administration,
General Manager,de volgende aanvullende informatie verstrekt ten aanzien van de opgeëiste persoon:
Dorobantu [9] van het Hof van Justitie van de EU. Dit betekent dat de detentieomstandigheden niet aan de overlevering in de weg staan.
7.Slotsom
8.Toepasselijke wetsbepalingen
9.Beslissing
[opgeëiste persoon]aan
the Câmpulung Court, [domicilie-adres](Roemenië) voor het feit zoals dat is omschreven in onderdeel e) van het EAB.