ECLI:NL:RBAMS:2026:7330

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
2 juli 2026
Publicatiedatum
17 juli 2026
Zaaknummer
C/13/790394 / FA RK 26/5255
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening machtiging tot voortzetting crisismaatregel op grond van Wvggz wegens psychotische ontregeling

De rechtbank Amsterdam heeft op 2 juli 2026 uitspraak gedaan over het verzoek van de officier van justitie tot verlenging van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling bleek dat betrokkene een onmiddellijk dreigend ernstig nadeel ondervindt, waaronder levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en maatschappelijke teloorgang, vermoedelijk veroorzaakt door een psychotische ontregeling. De ernst van de crisissituatie maakt het noodzakelijk de procedure voor een zorgmachtiging niet af te wachten.

De rechtbank acht de voorgestelde verplichte zorg, waaronder medicatie, medische controles, bewegingsbeperkingen, insluiting en toezicht, noodzakelijk en evenredig om het nadeel af te wenden. Betrokkene verzet zich tegen deze zorg en stelt dat behandeling in een vrijwillig kader mogelijk is, maar de rechtbank volgt de psychiater dat dit op dit moment te vroeg is vanwege impulsief gedrag en veiligheidsrisico's.

De machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel wordt daarom verleend voor een periode van drie weken, tot uiterlijk 23 juli 2026, met het doel betrokkene zo snel mogelijk te laten herstellen en over te laten gaan op vrijwillige zorg zodra dat verantwoord is.

Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken wegens onmiddellijk dreigend ernstig nadeel door psychotische ontregeling.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/790394 / FA RK 26/5255
kenmerk: VCM/IND/207454
Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
Beschikking van 2 juli 2026van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] te [geboorteplaats],
wonende te [adres 1],
verblijvende te [adres 2],
zorgaanbieder: Amsterdam UMC, [locatie],
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. F.M.M.M. Vogels te Amsterdam.

1.Procesverloop

Bij verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 1 juli 2026, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 30 juni 2026 opgelegde crisismaatregel.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 2 juli 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder op de locatie [locatie].
Ter zitting heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de advocaat;
- mw. [naam], psychiater;
- de ouders van betrokkene.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en maatschappelijke teloorgang.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychotische ontregeling. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
2.2.
De rechtbank is van oordeel dat van de zorg die is genoemd in de crisismaatregel, de volgende vormen van zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden:
  • toedienen van vocht en voeding;
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles;
  • het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • onderzoek aan kleding of lichaam;
  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
  • beperken van het recht op ontvangen van bezoek;
  • opnemen in een accommodatie.
2.3.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief
.Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.4.
De advocaat heeft namens betrokkene afwijzing van het verzoek bepleit, omdat behandeling in een vrijwillig kader mogelijk is. Betrokkene is bereid om de medicatie in te nemen en de adviezen van de artsen op te volgen. Betrokkene hoopt terug te kunnen gaan naar de somatische afdeling van het ziekenhuis, nu ze een traumatische ervaring heeft overgehouden aan een eerdere opname op een psychiatrische afdeling in Duitsland.
De rechtbank volgt echter het standpunt van de psychiater dat zorg in een vrijwillig kader op dit moment nog te vroeg is. Betrokkene verbleef in eerste instantie op de somatische afdeling, maar ondanks het intensieve toezicht daar zijn er meerdere momenten geweest waarbij betrokkene behandeladviezen niet heeft opgevolgd, bijvoorbeeld door op haar gebroken been te gaan staan. Betrokkene heeft goede intenties, maar ze is impulsief, waardoor de veiligheid van betrokkene niet gewaarborgd kan worden op de somatische afdeling. Behandeling op de psychiatrische afdeling is derhalve noodzakelijk ter bevordering van haar herstel. Er wordt nu onderzocht welke behandeling het beste voor betrokkene is. Het doel is dat betrokkene zo snel mogelijk haar leven weer op kan pakken en dat zorg vanuit een vrijwillig kader kan worden vormgegeven. Daarvoor is nodig dat betrokkene laat zien dat zij kan samenwerken met de behandelaren en dat er overeenstemming is over het te volgen traject. Een voorzetting van de crisismaatregel is vooralsnog noodzakelijk.
2.5.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.

3.Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van
[betrokkene],geboren op [geboortedag] te [geboorteplaats], voor zover het de in rechtsoverweging 2.2 genoemde vormen van verplichte zorg betreft;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 23 juli 2026.
Deze beschikking is op 2 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. J.W.B. Snijders Blok, rechter, bijgestaan door mr. K.W. de Haan als griffier en op 9 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open
.