ECLI:NL:RBAMS:2026:7338

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
15 juli 2026
Publicatiedatum
17 juli 2026
Zaaknummer
C/13/789513 / KG ZA 26-522 EAM/EV
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering betaling en verstrekking transactiehistorie in kort geding

In deze kortgedingprocedure vordert eiser betaling van €400.000 van gedaagde en verstrekking van volledige transactiehistorie van twee bankrekeningen van Swan S.A.S. en FINOM Payments B.V. over specifieke periodes. Gedaagden zijn niet verschenen, waarna verstek is verleend.

De voorzieningenrechter oordeelt dat de vorderingen niet onrechtmatig of ongegrond zijn en wijst deze toe. De transactiehistorie moet worden verstrekt met onleesbaar gemaakte namen en rekeningnummers van derden. Tevens worden dwangsommen opgelegd voor het geval van niet-naleving.

De proceskosten worden aan gedaagde opgelegd, met compensatie tussen eiser en de andere gedaagden. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.

Uitkomst: Vordering tot betaling van €400.000 en verstrekking van transactiehistorie toegewezen met dwangsommen en proceskostenveroordeling.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/789513 / KG ZA 26-522 EAM/EV
Vonnis in kort geding van 15 juli 2026
in de zaak van
[eisende partij],
te [woonplaats] ,
eisende partij bij gelijkluidende dagvaardingen van 17 en 22 juni 2026,
advocaat: mr. M.A. Hupkes,
tegen

1.JOHANNES HENRICUS MARTINUS [gedaagde] ,

te [woonplaats] ,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
2.
SWAN S.A.S.,
te Parijs (Frankrijk),
3.
FINOM PAYMENTS B.V.,
te Amsterdam,
gedaagde partijen,
niet verschenen.

1.De procedure

Op de mondelinge behandeling van 14 juli 2026 is eiser verschenen met mr. Hupkes. Gedaagden zijn niet verschenen. Eiser heeft de dagvaarding en de bijbehorende producties toegelicht en verzocht vonnis te wijzen. Vonnis is bepaald op vandaag.

2.Het geschil

2.1.
Samengevat vordert eiser:
I. [gedaagde] te veroordelen tot betaling van € 400.000, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
II. Swan S.A.S. op straffe van een dwangsom te veroordelen om binnen drie dagen na toezending van het vonnis per e-mail, althans na betekening, aan de advocaat van eiser te verstrekken de volledige transactiehistorie van rekeningnummer [nummer] , over de periode 1 juni 2025 tot en met 21 april 2026 (datum sluiting rekening), met inbegrip van alle inkomende betalingen van eiser en alle uitgaande betalingen met vermelding van ontvangende rekeningnummers, rekeninghouders, bedragen en overige data;
III. FINOM Payments B.V. op straffe van een dwangsom te veroordelen om binnen drie dagen na toezending van het vonnis per e-mail, althans na betekening, aan de advocaat van eiser te verstrekken de volledige transactiehistorie van rekeningnummer [nummer] , over de periode 1 juni 2025 tot en met 8 juni 2026 met inbegrip van alle inkomende betalingen van eiser en alle uitgaande betalingen met vermelding van ontvangende rekeningnummers, rekeninghouders, bedragen en overige data;
IV. [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten en de kosten te compenseren ten aanzien van Swan S.A.S. en FINOM Payments B.V.

3.De beoordeling

3.1.
Bij de dagvaarding zijn de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht genomen.
Het gevraagde verstek tegen de gedaagden zal daarom worden verleend.
3.2.
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld. Daarbij geldt dat de namen en bankrekeningnummers van natuurlijke personen die geld hebben gestort op de bankrekeningen waarvan de transactiehistorie wordt gedeeld onleesbaar moeten worden gemaakt, zoals aan de orde is gesteld tijdens de mondelinge behandeling.
3.3.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld. Zoals gevorderd wordt [gedaagde] in de proceskosten (inclusief nakosten) veroordeeld. De kosten van de dagvaarding aan Swan S.A.S. en FINOM Payments B.V. worden zoals gevorderd gecompenseerd, in die zin dat eiser die kosten zelf draagt. De proceskosten van eiser, te betalen door [gedaagde] , worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
153,02
- griffierecht
2.803,00
- salaris advocaat
760,00
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
3.905,02

4.De beslissing

De voorzieningenrechter
4.1.
verleent verstek tegen de niet verschenen gedaagden,
4.2.
veroordeelt [gedaagde] , bij wege van voorschot op hetgeen in een bodemprocedure toewijsbaar zal zijn, tot betaling van € 400.000, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening,
4.3.
veroordeelt Swan S.A.S. om binnen drie dagen na toezending van het vonnis per e-mail aan de advocaat van eiser te verstrekken de volledige transactiehistorie van rekeningnummer [nummer] , over de periode 1 juni 2025 tot en met 21 april 2026, met inbegrip van alle inkomende betalingen van eiser en alle uitgaande betalingen met vermelding van ontvangende rekeningnummers, rekeninghouders, bedragen en overige data, waarbij de namen en bankrekeningnummers van andere natuurlijke personen dan eiser die geld hebben gestort onleesbaar worden gemaakt,
4.4.
veroordeelt Swan S.A.S. om aan eiser een dwangsom te betalen van € 25.000 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij na betekening van dit vonnis niet aan de veroordeling onder 4.3 voldoet, tot een maximum van € 500.000 is bereikt,
4.5.
veroordeelt FINOM Payments B.V. om binnen drie dagen na toezending van het vonnis per e-mail aan de advocaat van eiser te verstrekken de volledige transactiehistorie van rekeningnummer [nummer] , over de periode 1 juni 2025 tot en met 8 juni 2026 met inbegrip van alle inkomende betalingen van eiser en alle uitgaande betalingen met vermelding van ontvangende rekeningnummers, rekeninghouders, bedragen en overige data, waarbij de namen en bankrekeningnummers van andere natuurlijke personen dan eiser die geld hebben gestort onleesbaar worden gemaakt,
4.6.
veroordeelt FINOM Payments B.V. om aan eiser een dwangsom te betalen van € 25.000 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij na betekening van dit vonnis niet aan de veroordeling onder 4.5 voldoet, tot een maximum van € 500.000 is bereikt,
4.7.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 3.905,02, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan deze veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
4.8.
compenseert de proceskosten tussen Swan S.A.S. en eiser en FINOM Payments B.V. en eiser, in die zin dat eiser de eigen kosten voor het uitbrengen van die dagvaarding draagt,
4.9.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
4.10.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.A. Messer, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.P.M. Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2026. [1]

Voetnoten

1.Coll: EB