ECLI:NL:RBAMS:2026:7495

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
7 mei 2026
Publicatiedatum
22 juli 2026
Zaaknummer
13/033689-23
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:6:12 lid 2 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging terbeschikkingstelling met voorwaarden wegens recidiverisico en maatschappelijke veiligheid

De rechtbank Amsterdam heeft op 7 mei 2026 de vordering van de officier van justitie toegewezen tot verlenging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden voor een periode van één jaar. De terbeschikkingstelling was oorspronkelijk opgelegd op 18 april 2024 na bewezenverklaring van meerdere pogingen tot zware mishandeling.

De rechtbank baseerde haar beslissing op adviezen van de reclassering en een psychiater, die het recidiverisico als gemiddeld inschatten en benadrukken dat de terbeschikkinggestelde onder medicatie staat en stabiel functioneert, maar dat zonder zorg en ondersteuning een hoog risico op gewelddadig gedrag bestaat. De terbeschikkinggestelde woont sinds december 2025 zelfstandig en wordt begeleid door FACT.

De rechtbank acht het noodzakelijk de maatregel te verlengen om de maatschappelijke veiligheid te waarborgen en de terbeschikkinggestelde te monitoren in zijn zelfstandige woonomgeving. Er is geen aanleiding gevonden om de voorwaarden te wijzigen, ondanks het verzoek van een slachtoffer voor een locatieverbod in Amsterdam. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open.

Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met voorwaarden met één jaar vanwege het aanwezige recidiverisico en het belang van maatschappelijke veiligheid.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK AMSTERDAM

Strafrecht
Parketnummer rechtbank: 13/033689-23
beslissing van de meervoudige kamer op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren op [geboortedag] 1997 in [geboorteplaats],
wonende op het [adres],
onder verantwoordelijkheid van [reclassering] (hierna: de reclassering),
hierna te noemen: de terbeschikkinggestelde.

Procesgang

Bij vonnis van de rechtbank Amsterdam van 18 april 2024 is de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd na bewezenverklaring van meerdere pogingen tot zware mishandeling. Dit is (telkens) een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De terbeschikkingstelling is daarom bij omzetting niet gemaximeerd tot een periode van vier jaar. De terbeschikkingstelling is ingegaan op 18 april 2024.
De rechtbank heeft de vordering van de officier van justitie van 12 maart 2026 op de openbare zitting van 7 mei 2026 behandeld. De vordering strekt tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar.
De rechtbank heeft de terbeschikkinggestelde, zijn raadsman mr. M.J. Bouwman en de officier van justitie mr. C.R. Zetsma op zitting gehoord.
Namens de reclassering is [reclasseringsmedewerker] als deskundige gehoord.

Stukken

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:
  • een advies van de reclassering van 11 februari 2026, opgemaakt door [reclasseringsmedewerker] (reclasseringswerker) en [unitmanager] (unitmanager), en een advies van psychiater [psychiater] van 16 januari 2026, zoals genoemd in artikel 6:6:12 lid 2 Sv Pro;
  • de voortgangsverslagen over de periode 18 april 2024 tot en met 18 april 2026;
  • de slachtofferrapportages van [slachtoffer 1] van 7 april 2026, [slachtoffer 2] van 10 april 2026, [slachtoffer 3] van 7 april 2026, [slachtoffer 4] van 7 april 2026, [slachtoffer 5] van 7 april 2026, [slachtoffer 6] van 7 april 2026 en [slachtoffer 7] van 7 april 2026.

Advies

Het advies van de reclassering luidt – zakelijk weergegeven – als volgt.
De behandeldoelen en het behandelverloop
In april 2024 werd de terbeschikkinggestelde ter overbrugging in de Forensische Psychiatrische Kliniek (FPK) [plaats 1] geplaatst, waarna hij vanaf mei 2024 begon aan zijn klinische behandeling in de FPK Inforsa te [plaats 2]. Deze heeft de terbeschikkinggestelde zonder incidenten voltooid, op een aanwijzing aan het begin van de opname na. De terbeschikkinggestelde is ingesteld op antipsychotische medicatie. In de laatste fase van de behandeling heeft hij in een HAT-woning van FPK Inforsa verbleven, ter voorbereiding op een verblijf in een zelfstandige woning. Op 15 december 2025 is de terbeschikkinggestelde verhuisd naar een zelfstandige woning. Hij wordt begeleid door FACT Fivoor in Zaandam. In de eerste maanden heeft het FACT hem wekelijks bezocht. Recent is dit afgeschaald naar eenmaal per twee weken. De terbeschikkinggestelde staat onder budgetbeheer, sport en volgt twee dagen per week dagbesteding bij REAKT. Het is van belang dat het zelfstandig wonen gedurende een verlengingsperiode gemonitord blijft worden, dat erop gelet wordt dat hij niet over- of onderbelast wordt in zijn dagstructuur, dat hij medicatie blijft innemen en in contact blijft met familie en hulpverlening.
De risicotaxatie en het risicomanagement
Het risico op recidive wordt als gemiddeld ingeschat en de risico’s op letsel en het onttrekken aan voorwaarden als laag. Nu de terbeschikkinggestelde zelfstandig woont, speelt zijn familie een belangrijke rol. Zij zijn scherp op risicosignalen, ondernemen activiteiten methem en bieden steun in het volhouden van de positieve stappen die zijn gemaakt.
Het advies luidt de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar te verlengen.
De deskundige heeft dit advies ter zitting bevestigd. Zij heeft aangevuld dat ze in de verlengingsperiode wil onderzoeken of na het jaar de gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel moet worden tenuitvoergelegd of niet. Ten aanzien van het door slachtoffer [slachtoffer 3] gewenste locatieverbod voor Amsterdam heeft de deskundige verklaard dat zij de indruk heeft dat de terbeschikkinggestelde zich goed aan de voorwaarden heeft gehouden en dat hij geen contact heeft gezocht met het slachtoffer. Een locatieverbod voor Amsterdam is wat de deskundige betreft niet nodig. Daarnaast zal een dergelijk locatieverbod in de weg staan aan de meldplicht van de terbeschikkinggestelde, aangezien hij zich dient te melden bij het reclasseringskantoor in Amsterdam.

Advies van de gedragsdeskundige

Het advies van de psychiater die de terbeschikkinggestelde heeft onderzocht luidt – zakelijk weergegeven – als volgt.
De diagnose
Bij de terbeschikkinggestelde is sprake van een autismespectrumstoornis (mate van ernst is niveau 1, vereist ondersteuning), schizofrenie en een stoornis in cannabisgebruik (in remissie in een gereguleerde omgeving).
Het recidiverisico en risicomanagement
Het risico op geweldadig gedrag vloeit voort uit de schizofrenie van de terbeschikkinggestelde. Tijdens een floride psychose kan sprake zijn van desorganisatie, verwardheid en angst, waarbij de terbeschikkinggestelde bevelshallucinaties uitvoert en zich zeer agressief gedraagt. Door de autismespectrumstoornis is de terbeschikkinggestelde onder meer gericht op zijn eigen behoeftes en heeft hij moeite met het herkennen van andermans grenzen. De stoornis in cannabisgebruik vormt een risicofactor, omdat dit een psychose kan initiëren of een bestaande psychose kan verergeren. Onder de huidige omstandigheden, namelijk als de terbeschikkinggestelde goed is ingesteld op medicatie en er sprake is van een stabiel toestandsbeeld, als hij voldoende ondersteuning krijgt, hij geen cannabis gebruikt en niet over- of onderbelast wordt, is het recidiverisico laag. Externe beschermende factoren zijn gelegen in medicatie, ondersteuning en toezicht. Verder is de positieve houding van de terbeschikkinggestelde en het bij hem betrokken netwerk beschermend. Uit zorg kan de terbeschikkinggestelde snel psychotisch raken. Dan is sprake van een hoog risico op gewelddadig gedrag. In het kader van een optimaal risicomanagement is het van belang dat de medicamenteuze behandeling voor schizofrenie wordt voortgezet en dat, met betrokkenheid van het netwerk, een signaleringsplan wordt gehanteerd. Daarnaast is ambulante psychiatrische begeleiding een belangrijk onderdeel van het risicomanagement.
Het advies luidt de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar te verlengen.

Standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden toegewezen, omdat aan de voorwaarden voor verlenging is voldaan. De terbeschikkinggestelde functioneert nog niet heel lang stabiel en er dienen ook nog wel wat beschermende factoren bestendigd te worden, zoals het zelfstandig wonen en de dagbesteding. Daarom is een verlengingsperiode van een jaar nog wel noodzakelijk. Er is geen noodzaak tot het wijzigen van de voorwaarden ten opzichte van de slachtoffers.
De advocaat van de terbeschikkinggestelde heeft primair bepleit dat de vordering moet worden afgewezen, omdat er geen gevaar meer voor de maatschappelijke veiligheid bestaat. Subsidiar heeft de advocaat zich niet verzet tegen verlenging van de terbeschikkingstelling. De advocaat van de terbeschikkinggestelde heeft zich op het standpunt gesteld dat er geen aanleiding is tot wijziging van de voorwaarden.
Slachtoffer [slachtoffer 3] heeft in de slachtofferrapportage aangegeven een locatieverbod voor heel Amsterdam te wensen. Enkele andere slachtoffers hebben aangegeven geen wensen in het kader van beschermingsbehoeften te hebben. Met de overige slachtoffers heeft het CJIB geen contact kunnen krijgen.

Beoordeling

De rechtbank heeft kennisgenomen van alle voorgenoemde stukken. Zij komt op grond van de stukken en hetgeen is besproken ter zitting tot het volgende oordeel.
De stoornissen van de terbeschikkinggestelde zijn nog steeds aanwezig en het recidiverisico is bij het wegvallen van de maatregel ingeschat als hoog. De kans is namelijk groot dat de terbeschikkinggestelde zonder zorg en ondersteuning psychisch zal ontregelen, hetgeen een hoog risico op gewelddadig gedrag meebrengt. De algemene veiligheid van personen eist daarom de verlenging van de maatregel. Het is van belang dat de terbeschikkinggestelde nu hij zelfstandig woont nog enige tijd binnen het huidige kader gemonitord wordt, om te zien hoe het met hem gaat en of hij de opgebouwde beschermende structuren om hem heen kan bestendigen. Daarvoor is een verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling met één jaar noodzakelijk. Over een jaar kan opnieuw worden beoordeeld binnen welk kader de terbeschikkinggestelde kan resocialiseren, waarbij de maatschappelijke veiligheid tegelijkertijd wordt gewaarborgd.
De rechtbank ziet geen aanleiding om de nu geldende voorwaarden te wijzigen.

Beslissing

De rechtbank
verlengtde termijn van de
terbeschikkingstelling met voorwaardenmet
één jaar.
Deze beslissing is gegeven door
mr. A.A. Spoel, voorzitter,
mrs. A.S. Dogan en D.A.J. Buylinckx, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. E. Willeboer, griffier
en in het openbaar uitgesproken op 7 mei 2026.
Tegen de beslissing staat voor de terbeschikkinggestelde hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden open, in te stellen bij de griffie van deze rechtbank, binnen veertien (14) dagen na betekening van deze beslissing.