ECLI:NL:RBAMS:2026:7653

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
10 juli 2026
Publicatiedatum
24 juli 2026
Zaaknummer
C/13/790360 / FA RK 26/5242
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:11 WvggzArt. 8:12 WvggzArt. 6:1 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging zorgmachtiging met uitbreiding verplichte zorgmaatregelen toegewezen

De rechtbank Amsterdam behandelde op 10 juli 2026 het verzoek van de officier van justitie tot wijziging van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene, geboren in 1967. Betrokkene was niet bereid zich te laten horen tijdens de mondelinge behandeling, ondanks pogingen van de rechter om hem te spreken.

De bestaande zorgmachtiging van 15 mei 2026 voorzag in verplichte zorgmaatregelen zoals medicatietoediening en beperkingen in vrijheid. Uit de aanvraag van de zorgverantwoordelijke en het advies van de geneesheer-directeur bleek dat deze maatregelen niet langer voldoende waren, waardoor sprake was van een dreigende noodsituatie. De officier van justitie verzocht om uitbreiding van de zorgmachtiging met bewegingsbeperking, insluiting, toezicht en opname in een accommodatie.

De verpleegkundig specialist lichtte toe dat betrokkene zich niet aan de medicatievoorwaarden hield en zijn woonplek dreigde te verliezen door onveilige gedragingen. De rechtbank oordeelde dat de voorgestelde uitbreiding evenredig, effectief en veilig was, rekening houdend met de bevordering van maatschappelijke deelname en veiligheid.

De rechtbank besloot de wijziging van de zorgmachtiging toe te wijzen voor de resterende duur tot uiterlijk 15 november 2026. De beschikking werd mondeling gegeven en schriftelijk vastgelegd op 24 juli 2026. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank wijzigt de zorgmachtiging door uitbreiding van verplichte zorgmaatregelen tot uiterlijk 15 november 2026.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/790360 / FA RK 26/5242
kenmerk: ZM/IND/207303
Machtiging wijziging verplichte zorg Wvggz
Beschikking van 10 juli 2026van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het wijzigen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 8:12 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats] (Suriname),
wonende te [adres],
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. J. Bravo Mougán te Amsterdam,
zorgaanbieder: Arkin.

1.Procesverloop

1.1.
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 30 juni 2026.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 10 juli 2026 op het thuisadres van betrokkene.
Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- mr. S.I Fonds, namens mr. J. Bravo Mougán, raadsvrouw van betrokkene;
- dhr. [naam], verpleegkundig specialist.
1.2.
Uit artikel 6:1, eerste lid, van de Wvggz volgt dat de rechter de betrokkene hoort na ontvangst van het verzoekschrift voor een zorgmachtiging, tenzij de rechter vaststelt dat betrokkene daartoe niet in staat of bereid is. De rechtbank constateert dat betrokkene niet aanwezig is bij de zitting. De rechter is naar de kamer van betrokkene gelopen om betrokkene te vragen naar de zittingsruimte te komen om met elkaar in gesprek te gaan. Betrokkene wilde niet mee naar de ruimte en heeft aangegeven een andere advocaat te willen maar dit standpunt niet te willen toelichten, omdat betrokkene niet bereid is om in de aangegeven ruimte gehoord te worden.
Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat betrokkene in de gelegenheid is gesteld om te worden gehoord, maar dat hij niet bereid is zich te doen horen. De rechtbank heeft daarop besloten om de mondeling behandeling in afwezigheid van betrokkene voort te zetten.
1.3.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2.Beoordeling

2.1.
Ten aanzien van betrokkene is op 15 mei 2026 een zorgmachtiging afgegeven die geldt tot en met uiterlijk 15 november 2026. Daarbij is bepaald dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
  • toedienen van medicatie;
  • het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam.
2.2.
Uit de door de zorgverantwoordelijke [naam] ingediende aanvraag en het advies van de geneesheer-directeur, blijkt dat de bij beschikking van 15 mei 2026 toegewezen vormen van verplichte zorg niet (langer) volstaan, waardoor er sprake is van een (dreigende) noodsituatie als bedoeld in artikel 8:11 van Pro de Wvggz.
2.3.
In het verzoekschrift heeft de officier van justitie verzocht om de zorgmachtiging op de volgende onderdelen te wijzigen door toe te voegen als vormen van verplichte zorg:
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie.
2.4.
Betrokkene heeft aangegeven een andere advocaat te willen. De raadsvrouw voelt zich om die reden niet gemachtigd om iets te zeggen.
De verpleegkundig specialist heeft toegelicht dat betrokkene op de vorige zitting heeft beloofd medicatie te gaan nemen. Tot op heden gebruikt hij echter geen medicatie en houdt hij zich niet aan de voorwaarden. Betrokkene dreigt zijn woonplek kwijt te raken omdat hij zijn kamer barricadeert en rookt op zijn kamer wat voor onveilige situaties kan zorgen. In het verleden heeft betrokkene lange tijd medicatie onder toezicht gehad en toen werkte hij en was hij vriendelijker. Hopelijk gaat hij uit zichzelf alsnog medicatie nemen, zodat een opname voorkomen kan worden.
2.5.
De voorgestelde gewijzigde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief en
veilig. Uit de stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat bij het bepalen van deze zorg rekening
is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het
maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
2.6.
De voorgestelde wijziging voldoet aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als
bedoeld in de Wvggz. De rechtbank zal het verzoek toewijzen voor de resterende duur van de thans
geldende zorgmachtiging, te weten tot en met uiterlijk 15 november 2026.

3.Beslissing

De rechtbank:
3.1.
wijzigt de zorgmachtiging die op 15 mei 2026 is verleend ten aanzien van
[betrokkene],geboren op [geboortedatum] 1967 te [geboorteplaats] (Suriname), in die zin dat de zorgmachtiging van 15 mei 2026 wordt uitgebreid met de volgende vorm(en) van zorg:
  • beperken van de bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie.
3.2.
bepaalt dat deze uitbreiding geldt voor de resterende duur van de machtiging, zijnde tot en met 15 november 2026.
Deze beschikking is op 10 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. M.J.M. Marseille, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 24 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.