Uitspraak
RECHTBANK Amsterdam
1.De procedure
2.De feiten
ultimate beneficial owner’) is. Ardys is een ‘family office’, die via de bij Ardys behorende groep het vermogen van de familie van [naam 1] beheert en investeert.
Overwegingen:
exclusief btw per jaar, te voldoen in twaalf (12) gelijke maandelijkse termijnen van EUR 30.000(…).
Dank voor je bericht en constructieve opstelling, dat wordt gewaardeerd. Bij deze bevestigen wij de ontvangst van jouw opzegging van de managementovereenkomst per 31 maart 2025.
Zie bijgaand de (vrijwillige) terugtredingsverklaringen voor zowel mijn functie als lid van de directie van Ardys B.V. alsmede als bestuurder bij Stichting Aeolus. Deze gelden tevens als formele bevestiging.(…)”
2.2. De ondergetekende verklaart dat hij in zijn hoedanigheid van lid van de Directie geen rechten of vorderingen van welke aard dan ook heeft of zal hebben jegens de Vennootschap per het moment van effectief worden van zijn terugtreding.”
Naar aanleiding van jouw huidige stand-by status binnen Ardys (tot en met 31.03.2025) wordt jouw toegang tot de bedrijfssystemen, waaronder SharePoint en e-mailaccount, per heden afgesloten.(…)”
In aanmerking nemende dat:
Overhandiger[rechtbank: [naam 2] ]
per 26 januari 2025 zijn functie als uitvoerend bestuurder van Ardys B.V. heeft neergelegd;
Ik heb je factuur voor de maand maart ontvangen, maar gezien de omstandigheden rondom jouw betrokkenheid als commissaris en bestuurder van de aandeelhouder bij Elfi en SCG, en de aanzienlijke verliezen die wij als familie office hierdoor hebben geleden, acht ik het niet redelijk en billijk om deze te voldoen(…)”
De opzegtermijn op zich staat niet ter discussie.(…)
Wat echter wel weegt, is dat wij de afgelopen periode tekortkomingen hebben moeten vaststellen in jouw rol als adviseur, manager en bestuurder. Deze tekortkomingen hebben niet alleen onze bedrijfsvoering geschaad, maar hebben ook direct bijgedragen aan aanzienlijke financiële verliezen.(…)
Wij zijn van mening dat jouw handelen – of het uitblijven daarvan – in aanzienlijke mate heeft bijgedragen aan deze verliezen. Dit gesprek vindt dan ook plaats zowel in het kader van de managementovereenkomst als binnen de context van bestuurdersaansprakelijkheid.(…)”
Ten aanzien van de ingediende facturen(…)
melden wij dat deze facturen niet voldaan zullen worden, aangezien de door jouw geleverde adviezen grove fouten bevatten.(…)
Tot slot willen wij nogmaals benadrukken dat de openstaande facturen niet zullen worden voldaan.”
3.Het geschil
4.De beoordeling
in zijn hoedanigheid van lid van de Directie” van Ardys geen aanspraken meer heeft of zal hebben op Ardys, en niet ook uitdrukkelijk namens [eisende partij] als contractspartij van Ardys bij de Managementovereenkomst. In de Overdrachtsakte is ook niets van die strekking opgenomen.
formele bevestiging” van zijn opzegging. Gelet op deze omstandigheden, mocht Ardys er op grond van de Terugtredingsverklaring en de Overdrachtsakte niet op vertrouwen dat [eisende partij] geen aanspraak meer zou maken op de verschuldigde management fee over de maanden februari en maart 2025.
Gedurende de periode dat Opdrachtnemer, om welke reden dan ook (waaronder begrepen ziekte van de Manager) niet in staat is de opdracht uit te voeren, is de Vennootschap geen honorarium verschuldigd(…)”
.De letterlijke tekst van de bepaling maakt niet duidelijk of dit ook ziet op de situatie waarin de Managementovereenkomst is opgezegd conform artikel 4.1 van de Managementovereenkomst, en de ‘Manager’ eerder dan het aflopen van de opzegtermijn de werkzaamheden neerlegt of overdraagt.
Naar aanleiding van jouw huidige stand-by status binnen Ardys(tot en met 31.03.2025)[onderstreping rechtbank] (…)”. Op dat moment was [naam 2] door [naam 1] ook al uitgeschreven als bestuurder van Ardys. Op 20 maart 2025 schreef [naam 1] verder: “
De opzegtermijn op zich staat niet ter discussie.” Blijkbaar was er bij Ardys geen twijfel over de duur van de opzegtermijn. Nergens blijkt uit dat Ardys de verwachting had of mocht hebben dat over die opzegtermijn (of een deel daarvan) geen management fee meer aan [eisende partij] verschuldigd zou zijn zodra [naam 2] formeel geen uitvoerend bestuurder meer was. Daarbij geldt ook hier dat uit de communicatie na de opzegging blijkt dat de weigering om de resterende management fee aan [eisende partij] te voldoen niet in artikel 5.3 van de Managementovereenkomst was gelegen, maar in verwijten aan het adres van [naam 2] in zijn rol als bestuurder.
Alle directe en redelijke bedrijfskosten welke gedurende de looptijd van deze overeenkomst door Opdrachtnemer worden gemaakt in de uitoefening van de hierboven in Artikel 2 genoemde Pro opdracht, zullen door de Vennootschap vergoed worden, na voorafgaande goedkeuring van de Vennootschap en tegen overlegging van gespecificeerde en met bewijsstukken gestaafde declaraties.”