ECLI:NL:RBAMS:2026:8
Rechtbank Amsterdam
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Betaling helft lening keuken na beëindiging relatie tussen ex-partners
De zaak betreft een vordering van een moeder tegen de ex-partner van haar dochter voor de betaling van de helft van een lening van €17.331,- die zij verstrekte voor een keuken in het gezamenlijk huis van de ex-partners.
De ex-partner betwistte dat hij de lening is aangegaan, maar de rechtbank stelde vast dat hij samen met zijn ex-partner de lening mondeling heeft afgesloten en dat de moeder erop mocht vertrouwen dat beiden de lening gezamenlijk zijn aangegaan. De lening werd terugbetaald vanaf een gezamenlijke bankrekening, wat de gezamenlijke verplichting bevestigt.
De rechtbank oordeelde dat de ex-partner €8.665,50 moet betalen, vermeerderd met wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten van €977,86. De proceskosten werden gecompenseerd vanwege de familiale banden, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
De uitspraak benadrukt dat persoonlijke wensen om geen schuld te hebben bij familie geen bestaande overeenkomsten kunnen wijzigen en dat de lening voor onbepaalde tijd was, waarbij de ex-partner niet binnen de gestelde termijn heeft betaald.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde is afgewezen.
Uitkomst: Ex-partner wordt veroordeeld tot betaling van de helft van de lening voor de keuken, inclusief rente en incassokosten.