ECLI:NL:RBARN:1999:AA1015
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslissing over verschoningsrecht internetprovider in civiele auteursrechtzaak Scientology
In deze civiele procedure vorderen drie buitenlandse kerkgenootschappen, gezamenlijk aangeduid als Scientology, de identiteit van een internetgebruiker 'Z' die zonder toestemming vertrouwelijke teksten openbaar zou hebben gemaakt op een website. De internetprovider Y, vertegenwoordigd door vennoot X, wordt opgeroepen als getuige om deze gegevens te verstrekken.
X beroept zich op het verschoningsrecht en weigert de identiteit van 'Z' te onthullen, uit vrees voor juridische stappen en kosten. Scientology betoogt dat internetproviders geen functioneel verschoningsrecht hebben en dat het getuigenverhoor noodzakelijk is om de gebruiker in rechte te kunnen betrekken.
De rechter-commissaris oordeelt dat het verschoningsrecht niet van toepassing is op internetproviders, omdat zij niet tot de categorie vertrouwenspersonen behoren die tot geheimhouding verplicht zijn. Ook het argument dat een getuige niet tegen zichzelf hoeft te verklaren, wordt verworpen, aangezien een partijgetuige in civiele zaken geen algemeen verschoningsrecht heeft.
Het beroep op artikel 205 Rv Pro om het beantwoorden van vragen te beletten wordt afgewezen wegens onvoldoende zwaarwegende belangen. De beslissing is niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het getuigenverhoor zal worden voortgezet op een nader te bepalen datum.
Uitkomst: Het beroep op verschoningsrecht door de internetprovider wordt afgewezen en het getuigenverhoor wordt voortgezet.