ECLI:NL:RBARN:1999:AA2463
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.M. de Vries
- J.W.P. Verheugt
- J.H.M. Westenbroek
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens medeplegen met vervalsing van gegevensdragers voor belastingontduiking
De rechtbank Arnhem heeft op 21 oktober 1999 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van het opzettelijk vervalsen van gegevensdragers, waardoor te weinig belasting werd geheven. Verdachte was niet verschenen tijdens de zitting van 5 oktober 1999, maar werd vertegenwoordigd door zijn raadsman.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan, namelijk het opzettelijk vervalsen van gegevensdragers om belasting te ontduiken, strafbaar gesteld onder artikel 68 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen. Verdachte had een geantedateerde lijfrenteovereenkomst overgelegd om stamrechtvrijstelling te verkrijgen, waarmee hij misbruik maakte van het vertrouwen dat de fiscus stelt in bescheiden van belastingadviseurs en accountants.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is en dat er geen omstandigheden waren die de strafbaarheid zouden opheffen. Bij het opleggen van de straf hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De integriteit van de beroepsgroep werd door het handelen van verdachte in diskrediet gebracht, hetgeen zwaar werd aangerekend.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een geldboete van 8.000 gulden, te vervangen door 80 dagen hechtenis bij niet-betaling, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken met een proeftijd van twee jaar. De gevangenisstraf wordt niet ten uitvoer gelegd tenzij verdachte binnen de proeftijd opnieuw een strafbaar feit pleegt.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer onder voorzitterschap van rechter M.J.M. de Vries, met de aanwezigheid van vice-president J.W.P. Verheugt en rechter J.H.M. Westenbroek.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 8.000 gulden en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken met een proeftijd van twee jaar.