ECLI:NL:RBARN:1999:AA3688
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.H. de Vries
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsplicht personeel coffeeshops ondanks strafrechtelijk verbod op softdrugsverkoop
In deze bestuursrechtelijke zaak stelt eiseres, exploitant van twee coffeeshops, dat de arbeidsverhoudingen met haar personeel nietig zijn wegens strijd met de openbare orde en goede zeden, omdat het personeel zich bezighoudt met de verkoop van softdrugs, wat strafbaar is volgens de Opiumwet. Verweerder heeft echter vastgesteld dat eiseres premie verschuldigd is voor sociale verzekeringen van dit personeel.
De rechtbank overweegt dat hoewel de handel in softdrugs strafbaar is, het landelijke gedoogbeleid sinds 1994 het strafrechtelijk optreden tegen coffeeshops die aan criteria voldoen, heeft opgeschort. Hierdoor kan niet worden aangenomen dat de arbeidsovereenkomsten nietig zijn. De arbeidsovereenkomsten worden als civielrechtelijk geldig beschouwd, mede omdat aan de criteria voor een dienstbetrekking wordt voldaan.
De rechtbank wijst erop dat de overheid met het gedoogbeleid maatschappelijke ontwikkelingen heeft verwerkt, waardoor burgers niet kunnen worden verplicht de gedragingen als ongeoorloofd te blijven beschouwen. Er is geen reden om de verzekeringsplicht en premieplicht jegens het personeel van de coffeeshops te ontkennen. Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de verzekeringsplicht voor het personeel van de coffeeshops blijft gehandhaafd.