ECLI:NL:RBARN:2000:AA5146
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling arts voor oplichting en valsheid in geschrift met medische dossiers en declaraties
De rechtbank Arnhem heeft op 16 maart 2000 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een arts die werd verdacht van oplichting en valsheid in geschrift. De officier van justitie had een gevangenisstraf van twaalf maanden, waarvan zes maanden voorwaardelijk, en een geldboete geëist. De verdachte werd vrijgesproken van het feit van doen plegen van valsheid in geschrift, maar schuldig bevonden aan oplichting van Novartis Pharma BV en valsheid in geschrift met betrekking tot medische dossiers en declaraties.
De bewezenverklaarde feiten betroffen het opzettelijk en listig samenstellen van een lijst met 376 namen van vermeende gebruikers van het geneesmiddel Lescol, terwijl een aantal patiënten het middel niet gebruikte. Daarnaast had de verdachte valse declaraties ingediend en medische dossiers vervalst door onjuiste gegevens over patiëntbezoeken en onderzoeken te vermelden. De rechtbank oordeelde dat deze feiten ernstige schade toebrachten aan de belangen van patiënten en de volksgezondheid.
Hoewel een forensisch psychiatrisch rapport aangaf dat de verdachte emotioneel overbelast was en diens geestvermogens verminderd ontwikkeld waren, achtte de rechtbank de toerekeningsvatbaarheid slechts licht verminderd. De persoonlijke omstandigheden van de verdachte en het verlies van zijn reputatie en werkkring werden meegewogen in de strafoplegging.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van zes maanden op, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en verving de onvoorwaardelijke straf door 240 uur onbetaalde arbeid. Tevens werd een geldboete van ƒ 15.000 opgelegd, met vervangende hechtenis bij niet-betaling. Ontzetting uit het artsenberoep en openbaarmaking van de uitspraak werden niet opgelegd wegens onvoldoende gronden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf waarvan zes maanden voorwaardelijk, 240 uur onbetaalde arbeid en een geldboete van ƒ 15.000.