ECLI:NL:RBARN:2000:AA5882
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering ziekengeld op grond van aanvang ongeschiktheid niet gerechtvaardigd
Eiser, die sinds 1981 rugklachten had en na een verkeersongeval in 1995 whiplashklachten bleef houden, werd per 1 december 1996 verzekerd ingevolge de Ziektewet bij aanvang van een dienstverband. Verweerder weigerde ziekengeld vanaf 3 maart 1997 op grond dat eiser op 1 december 1996 al ongeschikt was tot werken of dat deze ongeschiktheid binnen een half jaar te verwachten was.
De rechtbank oordeelde dat op basis van medische rapporten van specialisten en verzekeringsartsen onvoldoende objectieve aanwijzingen bestonden dat eiser op 1 december 1996 ongeschikt was tot het verrichten van zijn arbeid. Klachten en cognitieve stoornissen waren onvoldoende om ongeschiktheid vast te stellen. Ook de subsidiaire grondslag, dat ongeschiktheid binnen een half jaar te verwachten was, werd niet voldoende onderbouwd, mede omdat de hoge bloeddruk pas in februari 1997 werd vastgesteld.
De rechtbank vernietigde het besluit van 23 juni 1997 en het bestreden besluit van 16 april 1998, veroordeelde verweerder in de proceskosten van eiser en bepaalde dat het betaalde griffierecht door verweerder wordt vergoed. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van ziekengeld wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en griffierecht.