ECLI:NL:RBARN:2000:AA9126
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- J.A.Z. Hooft Graafland
- Rechtspraak.nl
Weigering van vordering tot verwijdering van harde vloerbedekking wegens onvoldoende bewijs geluidsoverlast
De Vereniging van Eigenaars van een flatgebouw te Ede vorderde in kort geding dat X c.s. hun harde vloerbedekking, een Wicanders Wood-o-Floor vloer, zouden verwijderen omdat deze in strijd zou zijn met het splitsingsreglement en geluidsoverlast zou veroorzaken voor de onderburen.
X c.s. betwistten dat hun vloer als harde vloerafwerking moet worden aangemerkt en voerden verweer tegen de vordering. Deskundigenverklaringen wezen uit dat de Wicandersvloer tot de categorie harde vloerbedekkingen behoort, zodat voorshands kon worden aangenomen dat X c.s. in strijd met het reglement hebben gehandeld.
De Vereniging kon echter onvoldoende aantonen dat de vloer daadwerkelijk onredelijke hinderlijke geluidsoverlast veroorzaakt. Alleen de onderburen klaagden over geluidsoverlast, en er was geen akoestisch rapport of ander bewijs overlegd. Bovendien werd in het complex elders parket gedoogd.
De rechtbank oordeelde dat de belangen van de Vereniging bij strikte handhaving van het reglement niet zwaarder wegen dan het ingrijpende karakter van de vordering en dat een bodemprocedure moet worden afgewacht om de ernst van de hinder te beoordelen. De gevorderde voorzieningen werden daarom geweigerd en de Vereniging werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot verwijdering van de harde vloerbedekking wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van onredelijke geluidsoverlast.