ECLI:NL:RBARN:2001:AA9656
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak burgemeester wegens ontbreken bewijs wederrechtelijke vrijheidsberoving en misbruik van gezag
De verdachte, burgemeester van Beuningen en voormalig vice-voorzitter van de raad van commissarissen van ARN, werd verdacht van het mede veroorzaken van wederrechtelijke vrijheidsberoving van dhr. B. op het politiebureau om hem door de RIAGG te laten horen over zijn geestesgesteldheid. Dit volgde op een conflict tussen dhr. B. en ARN en een daaropvolgende aangifte van bedreiging.
De rechtbank stelde vast dat de aanhouding en inverzekeringstelling van dhr. B. rechtmatig waren en besloten door het Openbaar Ministerie op basis van een reële verdenking. Verdachte had contact met de RIAGG en politie om het RIAGG-onderzoek mogelijk te maken, maar er was onvoldoende bewijs dat hij invloed had uitgeoefend om dhr. B. tegen zijn wil vast te houden.
De verklaringen over het overleg en de duur van het RIAGG-verhoor verschilden, en hoewel verdachte een onwenselijke schijn van belangenverstrengeling wekte, ontbrak het aan bewijs voor opzet om de gedwongen opname te bewerkstelligen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van wederrechtelijke vrijheidsberoving en misbruik van gezag.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van wederrechtelijke vrijheidsberoving en misbruik van gezag.