ECLI:NL:RBARN:2001:AB1572
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.F. Bijloo
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergunningverlening voor haviken en slechtvalken op grond van de Vogelwet
Eiser verzocht om vergunningen op grond van artikel 11 en Pro 21 van de Vogelwet 1936 voor het houden, vervoeren en kweken van haviken en slechtvalken. De minister wees de aanvragen af vanwege een restrictief numerus fixusbeleid dat het aantal vergunningen beperkt om wildvang te voorkomen.
Eiser voerde aan dat het beleid niet bevoegd was, strijdig met het EG-verdrag en dat zijn activiteiten onder de toegestane belangen vielen. De rechtbank oordeelde dat de minister beleidsvrijheid heeft bij vergunningverlening en dat het numerus fixusbeleid een noodzakelijk en geschikt middel is ter bescherming van de vogelstand.
De rechtbank stelde dat het belang van de vogelstand niet het doden van vogels omvat, maar het behoud ervan, en dat eiser niet voldeed aan de voorwaarden voor vergunningverlening. Ook werd geoordeeld dat geen strijd met het EG-verdrag aanwezig was omdat geen intracommunautair handelsverkeer aan de orde was.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. De uitspraak bevestigt de beleidsvrijheid van de minister en het belang van natuurbescherming in vergunningverlening onder de Vogelwet.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van vergunningen voor haviken en slechtvalken wordt ongegrond verklaard.