ECLI:NL:RBARN:2001:AD6868
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- J.A.Z. Hooft Graafland
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot nakoming koopovereenkomst grond tussen OBAC en gemeente Nijmegen
OBAC, een commanditaire vennootschap van Overbetuwse aannemers, vordert in kort geding dat de gemeente Nijmegen wordt veroordeeld tot medewerking aan de levering van grond en het verrichten van alle noodzakelijke handelingen. De vordering is gebaseerd op vermeende overeenstemming tijdens een bespreking op 31 mei 2000 en daaropvolgende correspondentie.
De gemeente betwist dat er een overeenkomst is gesloten, met name omdat zij slechts bereid was tot levering van grond in volle eigendom en niet tot overname van contracten met derden. De rechtbank oordeelt dat de brieven van 5 en 16 juni 2000 niet overeenstemmen en dat de brief van 16 juni 2000 geen definitieve contractuele inhoud weerspiegelt.
Verder is niet gebleken dat de gemeente de brief van 16 juni 2000 heeft geaccepteerd en is het standpunt van de gemeente dat er geen volledige overeenstemming was op 31 mei 2000, voorshands juist. Ook latere correspondentie toont geen bindende overeenkomst. De rechtbank wijst daarom de primaire vordering af.
De subsidiaire vordering om het overleg te hervatten wordt eveneens afgewezen, omdat partijen geen bereidheid tonen tot concessies en geen gemeenschappelijk uitgangspunt is voor voortzetting van onderhandelingen. OBAC wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van OBAC af wegens onvoldoende aannemelijkheid van een gesloten overeenkomst en veroordeelt OBAC in de proceskosten.