ECLI:NL:RBARN:2002:AE0822
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.N. Crol
- A. van Waarden
- A.M. van Gorp
- Rechtspraak.nl
Veroordeling militair voor ontucht met ondergeschikte leerlingen
De rechtbank Arnhem heeft op 29 maart 2002 uitspraak gedaan in de zaak tegen een militair instructeur die tussen augustus 1999 en augustus 2000 ontucht pleegde met meerdere vrouwelijke leerlingen die aan zijn gezag waren onderworpen binnen het Schoolbataljon Centraal van de Koninklijke Landmacht.
De militaire kamer achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte verschillende ontuchtige handelingen heeft gepleegd, waaronder tongzoenen, kussen van borsten, vingeren, geslachtsgemeenschap en orale seks met leerlingen. De rechtbank benadrukte de bijzondere gezagsverhouding binnen de krijgsmacht en de voorbeeldfunctie van de instructeur, die hij ernstig heeft geschonden.
De verdediging voerde meerdere procesrechtelijke bezwaren aan, waaronder schending van beginselen van behoorlijke procesorde en onzorgvuldigheden, maar deze werden door de rechtbank verworpen. De strafbaarheid van verdachte werd bevestigd en de rechtbank hield rekening met persoonlijke omstandigheden en de impact van de zaak.
De straf bestaat uit een gevangenisstraf van drie weken, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een geldboete van € 500,-, te vervangen door tien dagen hechtenis bij niet-betaling. De rechtbank motiveerde de straf mede vanwege de ernst van de feiten, de schending van vertrouwen en gezag, en het ontbreken van berouw bij verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken en een geldboete van € 500,- wegens ontucht met ondergeschikte leerlingen.