ECLI:NL:RBARN:2002:AE3913
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.H. de Vries
- D.J. Post
- L.B.M. Klein Tank
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vrijstelling bouwvergunning recreatiewoningen in winterbed Maas
De zaak betreft een geschil over de verlening van een vrijstelling van het bouwverbod in het winterbed van de Maas voor het oprichten van 14 recreatiewoningen te Kerkdriel. De vergunninghouder had een bouwvergunning aangevraagd die door de gemeente werd verleend ondanks een negatief advies van de Hoofdingenieur-Directeur (HiD) van Rijkswaterstaat op grond van de beleidslijn 'Ruimte voor de Rivier'.
De eisers, waaronder de Minister van Verkeer en Waterstaat en de inspecteur Ruimtelijke Ordening, voerden aan dat niet voldaan was aan de waterstaatkundige criteria uit de beleidslijn en dat de gemeente onvoldoende contact had gezocht na het negatieve advies. De rechtbank oordeelde dat de beleidslijn slechts een richtlijn is en dat de gemeente niet verplicht was het negatieve advies te volgen of nader contact te zoeken.
De rechtbank stelde vast dat de vrijstelling zorgvuldig was gemotiveerd, waarbij rekening was gehouden met het maatschappelijk belang, de planologische beperkingen, de geringe waterstandsverhoging door situering op palen en de compensatie van waterstandsverhoging. Tevens werd erkend dat het bestemmingsplan recreatieve voorzieningen toestaat en dat het bouwplan voldoet aan het beschermingsniveau van 7,35 meter +NAP.
De rechtbank concludeerde dat de belangenafweging van de gemeente redelijk was en dat geen gronden bestonden om de vergunning te weigeren. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen tegen de verleende vrijstelling voor de bouw van 14 recreatiewoningen in het winterbed van de Maas ongegrond.