ECLI:NL:RBARN:2002:AF1239
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.P.J.A.M. van der Pol
- J.A.W. Lensing
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk brandstichten en openlijk geweld tegen bestelbus
Op 7 april 2001 heeft verdachte in Kootwijkerbroek opzettelijk brand gesticht in een bestelbus door een stuk brandend papier in de cabineruimte te gooien, waardoor brand ontstond met gevaar voor goederen. Tevens heeft verdachte samen met anderen openlijk geweld gepleegd door stenen te gooien tegen diezelfde bestelbus.
De rechtbank Arnhem heeft op 14 november 2002 de zaak behandeld waarbij verdachte aanwezig was en zich heeft verdedigd. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de tenlastegelegde feiten heeft begaan, maar sprak hem vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
De rechtbank oordeelde dat de feiten ernstig zijn, mede omdat verdachte in beschonken toestand van buiten Kootwijkerbroek kwam en heeft bijgedragen aan de onrust en bedreigende sfeer tijdens de MKZ-crisis. Gezien de omstandigheden en persoonlijke situatie van verdachte werd een gevangenisstraf van twee maanden opgelegd, waarvan de uitvoering werd uitgesteld met een proeftijd van twee jaar, en een werkstraf van veertig uur met een vervangende hechtenis van twintig dagen bij niet-nakoming.
De strafmaat is mede gebaseerd op de ernst van de feiten, de context van de MKZ-crisis en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De rechtbank heeft tevens rekening gehouden met eerder door de officier van justitie geëiste straf en relevante wettelijke bepalingen uit het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden en een werkstraf van veertig uur wegens opzettelijk brandstichten en openlijk geweld tegen een bestelbus.