ECLI:NL:RBARN:2003:AK8282
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- B.P.J.A.M. van der Pol
- R.J.J. van Acht
- L.M. Moerings
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens het in hulpeloze toestand brengen en onrechtmatige hulpverlening aan kwetsbare persoon
De rechtbank Arnhem heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk in een hulpeloze toestand brengen en laten van een man aan wie hij op grond van een hulpverleningsovereenkomst was verbonden. Verdachte nam de man mee naar het buitenland, beperkte diens contact met familie, oefende geestelijke druk uit en liet hem uiteindelijk alleen achter in een verwarde en bebloede toestand. De man werd een jaar later dood aangetroffen.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat verdachte handelde in strijd met de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg door zonder registratie handelingen te verrichten die rechtstreeks op de gezondheid van de man betrekking hadden, en daarbij schade of een aanzienlijke kans daarop veroorzaakte.
De rechtbank baseerde haar oordeel op consistente getuigenverklaringen en bewijsstukken die het gedrag en de toestand van het slachtoffer bevestigen. Verdachte toonde geen inzicht in zijn laakbare handelen en vertoonde een afhoudende houding tijdens de zitting.
Gelet op de ernst van de feiten en het preventieve belang achtte de rechtbank een deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. Verdachte werd veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Tevens werden inbeslaggenomen voorwerpen aan verdachte teruggegeven.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk, wegens het in hulpeloze toestand brengen van het slachtoffer en onrechtmatige hulpverlening.