ECLI:NL:RBARN:2003:AN7209
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- F.H. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bouwvergunning wegens onjuiste aanhoudingsplicht milieuvergunning
Verzoekers betoogden dat de bouwvergunning voor het vergroten van een schuur ten dienste van een melkrundveehouderij onterecht was verleend zonder aanhouding op grond van artikel 52 van Pro de Woningwet, omdat een milieuvergunning vereist zou zijn. De rechtbank stelde vast dat de melkrundveehouderij een onherroepelijke Hinderwetvergunning had die gelijkgesteld wordt met een milieuvergunning. De feitelijke situatie was niet bepalend, maar de vergunde situatie. Omdat de melkrundveehouderij volgens de vergunning meer dan 50 stuks vee hield en binnen 50 meter van woningen lag, viel deze niet onder het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer en was de Hinderwetvergunning niet van rechtswege vervallen.
De gemeente had onvoldoende gemotiveerd waarom de aanhoudingsplicht niet van toepassing was. De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit niet voldeed aan het motiveringsvereiste van artikel 7:12 Awb Pro en vernietigde het besluit. De gemeente werd opgedragen een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werden de proceskosten en griffierechten aan verzoekers toegekend.
Voor de voorlopige voorziening werd het primaire besluit van 17 april 2003 geschorst tot zes weken na een nieuwe beslissing op bezwaar. Hoger beroep staat open voor de hoofdzaak, niet voor de voorlopige voorziening.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en de gemeente dient een nieuwe beslissing te nemen met vergoeding van proceskosten.