ECLI:NL:RBARN:2003:AN9186
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.F. Gerard
- H.C. Collewijn
- A.E.M. Overkamp
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgemeenschap na vernietiging overeenkomst wegens dwaling
K. en L. waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en sloten op 25 maart 1995 een overeenkomst over de verdeling van hun gemeenschap. Deze overeenkomst werd door het Hof vernietigd wegens dwaling. De rechtbank moest de gevolgen van deze vernietiging beoordelen, met name welke peildatum geldt voor de waardering van de woning bij de verdeling.
De rechtbank oordeelde dat de toedeling van de goederen, zoals feitelijk uitgevoerd en vastgelegd in de overeenkomst, in stand blijft omdat de gevolgen van de feitelijke verdeling na acht jaar bezwaarlijk ongedaan kunnen worden gemaakt. Voor de waardering van de woning werd als peildatum 1 april 1995 vastgesteld, omdat partijen destijds de intentie hadden de verdeling volledig en afdoende te regelen, inclusief de waarde van de woning.
Verder wees de rechtbank de vordering van K. af om kosten vergoed te krijgen die hij stelde te hebben gemaakt door het traineren van de verkoop door L., omdat onvoldoende bewijs werd geleverd. De procedure werd geschorst voor een deskundigenonderzoek naar de waarde van de woning per 1 april 1995, waarna verdere beslissing zal volgen.
Uitkomst: De rechtbank ontzegt de werking van de vernietiging voor de toedeling van goederen en bepaalt 1 april 1995 als peildatum voor de waardering van de woning; vorderingen tot kostenvergoeding worden afgewezen.