ECLI:NL:RBARN:2004:AO8393
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit schadevergoeding wegens ontbreken besluitkarakter en toewijzing proceskosten
De rechtbank Arnhem behandelde een zaak waarin eiser een schadevergoeding vorderde wegens kosten van rechtsbijstand en interne uren gemaakt naar aanleiding van een brief van het UWV waarin schadevergoeding werd toegekend onder de voorwaarde van finale kwijting. De rechtbank oordeelde dat deze brief geen besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro bevatte, waardoor het bezwaar onontvankelijk was en het bestreden besluit vernietigd moest worden.
De rechtbank stelde vast dat het UWV ten onrechte het bezwaar ontvankelijk had verklaard en dat het beroep gegrond was. Omdat het primaire besluit vóór 12 maart 2002 was genomen, werd het verzoek om vergoeding van proceskosten beoordeeld op grond van artikel 8:73 Awb Pro. De rechtbank oordeelde dat het UWV tegen beter weten in had gehandeld door de schijn van een besluit te wekken en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de door eiser gemaakte proceskosten en een schadevergoeding voor de interne uren.
De rechtbank kende een vergoeding toe van € 865,75 aan schade en € 739,60 aan proceskosten, inclusief griffierecht. De beslissing werd genomen door rechter J.J. Catsburg en uitgesproken op 31 maart 2004.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van schade en proceskosten aan eiser.