ECLI:NL:RBARN:2004:AO8419
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.H. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing vrijstelling bouwvergunning voor uitbreiding woonhuis
De rechtbank Arnhem behandelde het beroep tegen een besluit van de gemeente Renkum waarbij een bouwvergunning met vrijstelling werd verleend voor een aanzienlijke uitbreiding van een woonhuis. Eiseres sub 1, bewoner van het aangrenzende perceel, stelde zich op het standpunt dat de omvang van de uitbreiding, de aantasting van haar privacy en de strijd met het bestemmingsplan onaanvaardbaar waren. Eiseres sub 2 werd niet-ontvankelijk verklaard omdat zij geen bezwaar had gemaakt tegen het oorspronkelijke besluit.
De rechtbank stelde vast dat de vrijstelling terecht was verleend op grond van artikel 19 lid 3 WRO Pro juncto artikel 20 lid 1 Bro Pro, ondanks de strijdigheid met het bestemmingsplan. De natuurlijke ligging van het perceel en de aanwezigheid van beplanting beperken de nadelige gevolgen voor de privacy van eiseres sub 1. Daarnaast was het bouwplan reeds uitgevoerd en was het oordeel van de welstandscommissie positief. De rechtbank vond de bezwaren van eiseres sub 1 onvoldoende onderbouwd en oordeelde dat de belangenafweging door verweerder redelijk was.
Ten aanzien van procedurele en formele bezwaren van eiseres sub 1 werd geoordeeld dat geen sprake was van schending van wettelijke voorschriften die tot vernietiging van het besluit zouden kunnen leiden. Ook was er geen sprake van vooringenomenheid bij verweerder. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het beroep van eiseres sub 2 niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep van eiseres sub 1 is ongegrond verklaard en dat van eiseres sub 2 niet-ontvankelijk, waardoor de bouwvergunning met vrijstelling blijft gehandhaafd.