ECLI:NL:RBARN:2004:AP1298
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt dat overeenkomst geen huurkoopovereenkomst is
In deze zaak vordert Dexia Bank Nederland N.V. betaling van een bedrag van €9.694,86 van X, voortvloeiend uit een overeenkomst betreffende het product WinstVerDriedubbelaar. X betwist betaling en stelt dat de overeenkomst een huurkoopovereenkomst is, waardoor de zaak naar de sector kanton zou moeten worden verwezen. Dexia betwist deze kwalificatie en stelt dat het geen koop op afbetaling betreft.
De rechtbank onderzoekt de aard van de overeenkomst aan de hand van artikel 7A:1576 lid 1 BW, dat koop en verkoop op afbetaling definieert als een koop waarbij de koopprijs in termijnen wordt betaald nadat de zaak is afgeleverd. De rechtbank constateert dat de aandelen niet daadwerkelijk in eigendom zijn overgegaan aan X, maar dat de aandelen aan het einde van de looptijd worden verkocht aan een derde, waarbij Dexia met haar cliënt afrekent.
De rechtbank concludeert dat de overeenkomst niet voldoet aan de definitie van koop op afbetaling en derhalve geen huurkoopovereenkomst is. Het incidentele verweer van X wordt afgewezen en de rechtbank verklaart zich bevoegd kennis te nemen van de hoofdzaak. De zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling.
De rechtbank veroordeelt X in de kosten van het incident en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst geen huurkoopovereenkomst is en wijst de incidentele vordering tot verwijzing naar de sector kanton af.