ECLI:NL:RBARN:2004:AP2217
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kwalificatie turnster voor Olympische Spelen volgens NOC*NSF-regels
In deze zaak vordert de wettelijk vertegenwoordiger van een zestienjarige turnster, Y, dat NOC*NSF haar kwalificeert voor deelname aan de Olympische Spelen 2004 in Athene. Y had zich via de Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie (KNGU) voorgedragen, maar NOC*NSF verwierp deze voordracht op basis van de geldende Normen en Limieten. De kern van het geschil betreft de uitleg van de regels omtrent de kwalificatie, met name de wijze waarop prestaties in twee wedstrijden vergeleken moeten worden.
Y maakte in wedstrijd 1 slechts één sprong en kwalificeerde zich daarmee voor wedstrijd 2, waarin zij dezelfde sprong maakte en een vierde plaats behaalde. KNGU stelde verschillende berekeningsmethoden voor, waarvan twee tot kwalificatie zouden leiden, maar NOC*NSF koos voor een methode waarbij Y niet kwalificeerde. De beroepscommissie van NOC*NSF wees het bezwaar van KNGU af, stellende dat de gekozen methode het meest consistent was met de bedoeling van de regeling.
De voorzieningenrechter toetst of NOC*NSF in redelijkheid tot haar uitleg van de regels heeft kunnen komen. Gezien de tekst van de Normen en Limieten en de uitleg van de beroepscommissie, concludeert de rechter dat NOC*NSF haar bevoegdheid niet heeft overschreden en de gekozen interpretatie verdedigbaar is. De vordering tot kwalificatie wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot kwalificatie van de turnster voor de Olympische Spelen wordt afgewezen.