ECLI:NL:RBARN:2004:AP2271
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- O. Nijhuis
- F.M. Smit
- F.M.Th. Quaadvliet
- Rechtspraak.nl
Nietigheid en fraude bij levensverzekeringen via spaarconstructie met niet-bestaande verzekerden
De zaak betreft een geschil tussen Aegon Levensverzekering N.V. en de vennootschappen Trion B.V. en Finplan Benefits B.V. over vermeende fraude bij het afsluiten van levensverzekeringen via een spaarconstructie gekoppeld aan een jongerencommunity. Aegon stelt dat in 90% van de gevallen onjuistheden in de verzekerdengegevens zitten, waaronder niet-bestaande personen, en vordert schadevergoeding en nietigheid van de verzekeringen.
Trion en Finplan betwisten de fraude en stellen dat zij niet verantwoordelijk zijn voor de onjuistheden. Trion erkent dat verzekeringen op naam van niet-bestaande personen moeten vervallen en vordert restitutie van premies. Finplan wijst op het gebrek aan bewijs en stelt dat Aegon zelf nalatig was in het stellen van voorwaarden en het beperken van schade.
De rechtbank oordeelt dat fraude aannemelijk is, mogelijk gepleegd door Trion en mogelijk met medewerking van Finplan, maar dat het bewijs nog onvoldoende sluitend is. De bewijslast ligt bij Aegon, en de zaak wordt aangehouden tot nadere onderzoeksresultaten van het Openbaar Ministerie en andere instanties beschikbaar zijn. De rechtbank laat de vraag naar nietigheid van de verzekeringen en schadevergoeding voorlopig rusten en staat tussentijds hoger beroep toe.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere bewijslevering en staat tussentijds hoger beroep toe.