ECLI:NL:RBARN:2004:AP4200
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Voorlopige beoordeling non-concurrentiebeding en bevoegdheid voorzieningenrechter in kort geding
Orlaco Products B.V. vordert in kort geding dat X, voormalig exportmanager, het overeengekomen non-concurrentiebeding naleeft en stopt met contact met klanten. X werkt na beëindiging van zijn dienstverband bij een concurrent in Duitsland, Mekra Lang, wat volgens Orlaco een overtreding is van het beding.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het non-concurrentiebeding schriftelijk overeengekomen en geldig is. Er is voldoende band met Nederland en het beding geldt voor heel Europa. X betwist de bevoegdheid van de Nederlandse voorzieningenrechter, maar dit wordt verworpen omdat de gevorderde voorziening in Nederland effect sorteert.
De rechter weegt het belang van Orlaco tegen het belang van X op vrijheid van arbeidskeuze. Gezien het korte dienstverband en de ruime duur van het beding acht de voorzieningenrechter het onbillijk om het beding onverkort voor vijf jaar te handhaven. De rechter vermoedt dat de bodemrechter het beding zal terugbrengen tot één jaar. Omdat de termijn van één jaar al is verstreken, wijst de voorzieningenrechter de vordering af. De gevorderde boete kan niet worden toegewezen wegens onbevoegdheid. Orlaco wordt in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen tot naleving van het non-concurrentiebeding af wegens verstrijken van de redelijke termijn en verklaart zich onbevoegd voor de boetebetaling.